dinsdag 09 mei 2023
Vrijdag jl. in Trouw:
opiniestuk van Marjolein de Rooij, voorzitter van de Vakbond voor Dieren
Weer zijn er in 2021 meer dieren bij stalbranden omgekomen dan in het jaar ervoor, meldt de Bond van Verzekeraars. Ze pleit voor meer maatregelen om deze dodelijke branden te voorkomen. Dat is opvallend, omdat juist de verzekeraars de sleutel van preventie in handen hebben. Al sinds het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (2021) weten ze dat de overheid hierin geen enkele verantwoordelijkheid neemt. Nu oproepen tot maatregelen is dan ook volkomen misplaatst.
Uit dat rapport blijkt dat er tussen 2013 en 2020 1,3 miljoen dieren zijn omgekomen bij stalbranden. De juridische gevolgen voor de boeren die hun dieren in deze stallen hadden ondergebracht, waren nihil. De boeren kregen ook geen boetes uitgedeeld en kregen evenmin te maken met procedures wegens nalatigheid. Er werden geen bedrijven gesloten. De verzekeraar stelde weinig vragen en vergoedde de geleden schade: een nieuwe stal en nieuwe dieren – alsof er machines in de brand waren vernietigd of een voorraad aardappels.
De oorzaak van de brand bleef in bijna de helft van de door de Onderzoeksraad onderzochte gevallen onbekend. In de gevallen waar de oorzaak wel bekend is, betrof het meestal 'werkzaamheden': menselijk handelen dus. Ook defecte apparaten bleken meerdere malen de oorzaak van de brand, net als kortsluiting.
Maar dat een vonk in een stal zich kan ontwikkelen tot een dodelijk vuur is het gevolg van economische keuzes. Het compartimenteren van technische ruimtes, het plaatsen van brandmelders en luchtafzuiging van de mestput zijn allemaal maatregelen die de ontwikkeling van een brand tegengaan en de gevolgen beperken. Zo kan de sector stalbranden voorkomen. Alleen is er niemand die de bedrijven daartoe dwingt. Daardoor lopen miljoenen dieren in Nederland het risico dat ze omkomen in een brand die makkelijk voorkomen had kunnen worden.
De dierenartsen van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), verantwoordelijk voor de controle op dierenwelzijn, hebben geen wettelijke mogelijkheden om brandveiligheid te controleren. Daarbij geeft de NVWA aan hier ook helemaal niet toe in staat te zijn. 'De NVWA ziet een stalbrand als een exceptionele gebeurtenis die niet valt onder het onthouden van zorg', aldus hun reactie in het rapport van de Onderzoeksraad. Als het gaat om brandveiligheid trekt de NVWA haar handen dus van de dieren af.
Stallen die zijn gebouwd na 2014 moet voldoen aan het bouwbesluit. Hierin is destijds een aantal bepalingen toegevoegd om de brandveiligheid voor staldieren te vergroten. Maar stallen die vóór 2014 zijn gebouwd, het overgrote deel, hoeven hier niet aan te voldoen. Dus, hoewel we weten hoe een stalbrand voorkomen kan worden, heeft de overheid geen wettelijke mogelijkheden (gecreëerd) om boeren hiertoe te dwingen.
De ministeries van binnenlandse zaken, economische zaken en landbouw wijzen in het rapport van de Onderzoeksraad naar elkaar voor aanvullende wetgeving. EZ vindt dat in de Wet dieren hier iets voor geregeld moet worden, LNV vindt dat aanpassingen in het bouwbesluit noodzakelijk zijn. BZK, verantwoordelijk voor bouweisen, is het hier niet mee eens. Met als gevolg dat miljoenen dieren iedere dag in onveilige stallen leven.
De verzekeraars kennen dit rapport en ze kennen de, mijns inziens stuitende, conclusie is dat niemand verantwoordelijk is voor het tegengaan van stalbranden. En wat doen ze? Ze roepen op tot maatregelen. Maatregelen die ze zelf al jaren geleden hadden moeten nemen. Hun verzekeringsvoorwaarden maken het mogelijk dat dieren nog iedere dag in een onveilige stal leven. Want zolang de verzekeraar bij brand uitbetaalt, wordt de boer niet gemotiveerd om de stal echt brandveilig te maken.