Logboek

Het Logboek (de edities van 2012 t/m najaar 2016 zijn hier niet meer terug te lezen) verandert 1 januari 2020 weer van een dag- in een Weekboek. Elke week - een enkele keer iets vaker - schrijven over wat week maakt. Of zoals ik het tegenwoordig noem: ik ben in mijn leven onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt: met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links vooruit naar het volgende. Handiger echter zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2020 (deel 1: A-L en deel 2: M-Z), 2019 en 2018 en de logboeken van 2017 en najaar 2016.

-----

Dat in het beeld de klok op vijf uur staat, is omdat ik elke ochtend schrijf van 5 tot circa 9 uur.

Week 27 - Geheim dagboek

zondag 05 juli 2020

Hij heeft na bijna veertig jaar zijn voornaam weer terug: in de nieuwe vertaling van het eerste deel van zijn Geheime Dagboeken heet Adriaan weer gewoon Adrian.

Die nieuwe vertaling van The secret diary of Adrian Mole aged 13 3/4 jaar is van Sylvia Witteman. Witteman in de Volkskrant (zaterdag 6 juni):
Zoals alle écht leuke hoofdpersonen is Adrian een antiheld. Hij wordt gepest en afgeperst door zijn ruige en domme klasgenoot Barry Kent. Hij denkt dat hij een intellectueel is, maar alle boeken die hij leest gaan hem boven de pet. Hij probeert zijn geliefde Pandora te versieren met saaie, uitgebreide verhandelingen over de Noorse leerindustrie. Als hij, in een vergeefse poging tot coolheid, probeert de muren van zijn kamer zwart te verven, blijven de kaboutertjes van het oude sprookjesbehang er maar doorheen schijnen. En als hij bij het bouwen van een modelvliegtuigje wat lijm probeert te snuiven, blijft zijn neus aan het vliegtuigje plakken.
Maar achter de slapstick zit ook een hoop echt leed. Zijn moeder wordt verliefd op de buurman, zijn vader raakt zijn baan kwijt, de 80-jarige mopperpot Bert Baxter, voor wie hij tegen wil en dank klusjes doet, wordt ziek. Hij heeft liefdesverdriet om Pandora, die verkering krijgt met zijn beste vriend Nigel. Hij tobt over zijn puisten, over de afmetingen van zijn ‘ding’, over zijn vader die te veel drinkt, over zijn moeder die weigert te koken, en hij gaat net zo lang met ingebeelde ziekten naar de huisarts tot die hem zijn praktijk uitstuurt.

Ik weet nog hoe dol ik was op Adrian Mole, misschien nog wel meer doordat er ook nog zes vervolgdelen op die eerste Nederlandse vertaling (1985) verschenen: in 1986 deel 2 en in 2007 uiteindelijk deel zeven. Ze staan hier mooi op een rijtje in de boekenkast. In 2007 is Adrian Mole inmiddels 34 3/4! Van het achterplat:
Adrian Mole is inmiddels een dertiger – hij is ‘nu even oud als Jezus was toen Hij stierf’. Maar hij, Adriaan, heeft belangrijker zorgen aan zijn hoofd dan de Verlosser: hij is de alleenstaande vader van de grammaticaal zwakbegaafde Glenn en van William, die een condoom meeneemt naar de peuterklas als zijn onschuldige bijdrage aan een ballonnenfeestje. 

Satire van de bovenste plank!

In 2009 schreef Sue Townsend – de naam van deze Engelse schrijfster (Leicester, 1946-2014 ) – was nog niet genoemd, nog een achtste deel, maar The Prostate Years is in ons land niet meer uitgebracht.



Nog een keer Witteman:
Ik begrijp nu ook wat ik toen niet wist: Sue Townsend heeft het boek niet voor kinderen geschreven, maar voor hun ouders, die evenveel te lijden hebben van die doodvermoeiende puberteit als hun kinderen. De gretig meelezende tieners waren bijvangst, maar wát voor bijvangst. Mijn hele school las het boek met grote instemming. […]
Dat waren de vroege jaren tachtig. We waren bang voor de bom, en voor werkloosheid, en voor het even meedogenloze als ongrijpbare ‘systeem’: we hadden geen toekomst, Adrian en ik. Tenminste, dat dachten we; het viel uiteindelijk reuze mee.


13 3/4




15

 

16 2/3



Hoe vertaal je een boek dat zich moet blijven afspelen in de jaren tachtig?  Witteman:
Bij het vertalen kwam ik voor allerlei vraagstukjes te staan, en het was leuk om daar telkens weer een oplossing voor te zoeken. […] Kun je NHS vertalen als ‘ziekenfonds’? Hoe vertaal je een typisch Engels spelletje als ‘conkering’? […]
Het drankje ‘Lucozade’, dat in Engeland van oudsher aan kwakkelende kinderen wordt gegeven, is in Nederland tamelijk onbekend. Dat kun je niet onvertaald laten, dus dat is Roosvicee geworden. Maar de titel van het blotetietenblaadje dat Adrian leest, Big and Bouncy, moet je juist niet proberen te vertalen, want iedereen begrijpt precies wat daarmee bedoeld wordt. Die twee wulpse hoofdletters B zijn juist zo mooi, en ‘Bolle Billen’ of ‘Blote Borsten’ gaat voorbij aan dat typisch Britse, schijnheilige omzeilen van wát er precies allemaal zo ‘big’ en ‘bouncy’ is.
En als Adrian een stapel van die blaadjes in bed heeft liggen lezen, schrijft hij, dubbelzinnig door de cursivering, ‘I felt like I never felt before’. Moet je daar ‘Ik voelde me zoals ik me nog nooit gevoeld had’ van maken? Nee, dan is ‘In één ruk uitgelezen’ leuker.

 

20 2/3

 

27 

 

 
 33 1/3



34 3/4



Deel 1 kon het in 1985 nog af zonder de Gratis Jaren Tachtig-Woordenlijst die de vertaalster nu heeft toegevoegd. Broodnodig om de Briefkaart en het Telegram en Lady Diana en Margaret Tatcher te duiden.





Ik vind dat Witteman nu eerst deel 8, De Prostaatjaren, maar eens moet toevoegen aan de Nederlandse reeks en dan die overige zes in zo’n zelfde frisse nieuwe jas moet steken. Ik heb er opeens weer zo erg van genoten.

Archief 2020