Logboek

Het Logboek (de edities van 2012 t/m najaar 2016 zijn hier niet meer terug te lezen) verandert 1 januari 2020 weer van een dag- in een Weekboek. Elke week - een enkele keer iets vaker - schrijven over wat week maakt. Of zoals ik het tegenwoordig noem: ik ben in mijn leven onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt: met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links vooruit naar het volgende. Handiger echter zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 20202019 en 2018 en de logboeken van 2017 en najaar 2016.

-----

Dat in het beeld de klok op vijf uur staat, is omdat ik elke ochtend schrijf van 5 tot circa 9 uur.

Week 51 - 358. Mooi, mooi! [24/25]: Hof v. Jan [7/7]

dinsdag 24 december 2019

Andere nieuwe bibliofiele uitgaven van de Hof van Jan:

Negenenveertig keer ging de zon op, negenenveertig keer ging de zon onder en overal waar de Dapperhaas, het stervend paard, de manke ezel, de pedofiele struisvogel en de spin kwamen, in elk dorp, in elke stad, onder elke boom spraken zij: “Wij zijn de Dapperhaas en haar volgelingen en wij zoeken de laatste Joodse tandarts.”




Slot van Het nieuwe boek Haas. Tweede deeltje van de Kinderbijbel van Arnon Grunberg, waarin Dapperhaas haar zegen-brengende tocht vervolgt door bossen en velden, langs meren en over bergen. Ze neemt het lijden serieus en ze preekt verlossing. Dit in gezelschap van haar volgelingen en… drie (het voorplat niet meegeteld) mooie tekeningen van Paul van der Steen.



xxxxx




Ook een tweede deeltje. Anton Korteweg – de dichter van Dertien sjachrijnige kwatrijne – komt nu, onder de titel Bakstenen, met Vijftien nog chagrijniger kwatrijnen. Zoals deze, onder de titels Het is ook nooit goed en Nu al?

Sinds kort draag ik tussen elk oor en hoofd
Een piepklein apparaat. Dat scheelt een hoop.
Helaas is er geen filter ingebouwd
dat kniegekraak en lulkoek tegenhoudt. 


Je weet dat hij er aan komt, maar je schrikt
toch flink als hij op je schouder tikt.
Nu al? Dood hoort niet anders. Hij is het gewoon,
de vangst van een quasi-verbaasd persoon.

xxxxx

 

Zo wens ik me Jan Jacobs Mulder te herinneren: wachtend op het middagmaal en de wijn, popelend van de plannen, lak hebbend aan de tijd en dansend door het leven, want mooier en beter ging het niet worden. De kampjongen die met butsen en krassen de oorlog overleefde, werd op oudere leeftijd warempel een stralend zondagskind.



In Dansend door het leven herdenkt P.F. Thomése de in september overleden Haarlemse kunstenaar-schrijver Jan Jacobs Mulder (1940-1919). De teksten van twee toespraken: (1) Thoméses feestrede, in 2016, bij de presentatie van Mulders roman Joseph, de zwarte Mozart , en (2) zijn ‘grafrede’, zoals voorgelezen bij Mulders uitvaart.

 

xxxxx






Van de website van Hof van Jan:
Johannes van der Sluis, die eerder bij de Hof van Jan en Lebowski publiceerde onder het pseudoniem Giovanni della Chiusa, richt zich in deze brief tot zijn zeventigjarige vader en laat daarbij een aantal memorabele momenten uit hun beider bestaan de revue passeren. Zoals dat hoort in brieven aan vaders (en moeders) is Kafka dan niet ver weg.

Het bundeltje – in vijftig exemplaren gedrukt – is op de dag van verschijnen meteen uitverkocht. Verbaast me niet, want Giovanni della Chiusa is namelijk niemand anders dan Arnon Grunberg, zoals ik al eerder schreef (lees hier). Johannes van der Sluis is hij dus ook.

Grappig: mei 2018 nam Arnon Grunberg afscheid van zijn dagelijkse Voetnoot op de voorpagina van de Volkskrant. In die Voetnoot – zijn 2.500ste – bedankt hij onder anderen de hoofdredactie, de correctoren, de lezers en… zijn meelezer: Johannes van der Sluis!
 

xxxxx

 
 

Met Grunberg eindigen we waar we begonnen zijn. Of nee, want de Hof van Jan voegt nog een nieuwjaargeschenk aan mijn boekenpakketje toe: L.H. Wieners Oscar Wilde. Daarin schrijft Wiener over zijn bezoek aan Merrion Square Park in Dublin, waar hij stuit op een sculptuur van de Ierse schrijver (1854-1900).

 



Hij ligt er ogenschijnlijk ontspannen bij, met zij roze revers en één been nonchalant opgetrokken, maar als ik zijn gezichtsuitdrukking beter bestudeer, zie ik een verwrongen gelaat, dat twee tegengestelde emoties uitdrukt, die men met gemak aan twee tegengestelde plaatsen kan koppelen: The Savoy Hotel in Londen in 1894, op het toppunt van zijn roem en rijkdom en Holloway Prison in Islington in 1896, waar hij door de bewakers geslagen werd en zijn eigen kots moest opdrinken, na het verloren proces wegens zijn homofiele levenshouding. En, ten slotte, de Rue des Beaux Arts in Parijs, in 1900 where he saw the gates of hell en ten einde raad een priester liet komen. 




Archief 2019