Logboek

De weekboeken van 2012 t/m najaar 2016 zijn hier niet meer terug te lezen. 
Het Weekboek heet inmiddels Logboek en is letterlijk een Dagboek

In 2019 besluit ik de logboeken voortaan te nummeren, zodat zij gemakkelijk zijn
terug te vinden - in de eerste plaats voor mezelf! 

Op 1 januari 2020 kies ik ervoor niet meer dagelijks, maar weer wekelijks te schrijven.
Terug naar het Weekboek dus. De nummering laat ik weer los.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links vooruit naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019 en 2018 en de logboeken van 2017 en najaar 2016.

Dat in het beeld de klok op vijf uur staat, is omdat ik elke ochtend schrijf van 5 tot circa 8 uur.

Week 45 - 318. Mooi, mooi! [3/25]: Geheim Toonder

donderdag 14 november 2019




Afgelopen week verscheen, in een eenmalige, gelimiteerde oplage van 1.500 exemplaren, Het geheim van Marten Toonder. Daarin volgt samensteller Willem Feltkamp de wording van Toonder (1912-2005) als tekenaar vanaf zijn vroegste jeugdprenten, waarvan verrassend veel bewaard is gebleven. 
De uitgave, in blauwe cassette, bestaat uit een imposant boekwerk (25 x 36 centimeter groot, ruim vierhonderd pagina’s dik en vol prachtig, vaak niet eerder gepubliceerd kleurrijk beeldmateriaal), een dvd met unieke documentatie en, met echtheidscertificaat, een uniek cliché (oftewel een metalen drukplaat van een Bommelstripstrook).




Voor Het Parool van 1 november interviewt Marjolijn de Cocq de samensteller. Een paar citaten:

Feltkamp, die was getrouwd met Toonders kleindochter Milou, is meermaals bij de striptekenaar over de vloer geweest, toen die nog in Ierland woonde en later in het Rosa Spierhuis in Laren. “Achteraf realiseer ik me hoe bijzonder dat is. Nu vind ik het jammer dat ik toen nog weinig waardering voor zijn werk had. Mijn bewondering is gaandeweg gegroeid. In dit boek laat ik zien hoe Toonder de striptekenaar is geworden die hij was, de schepper van Tom Poes, en wat hij daarvoor heeft moeten leren ontwikkelen. Ik geloof echt dat er in Nederland geen betere getekende strips zijn geweest met zo’n grafische kwaliteit.”



Zelfportret



Feltkamps grootste zorg toen hij aan het project begon: er zijn al zoveel mooie boeken over Toonder geschreven. “Ik was bang dat het gras al voor mijn voeten was weggemaaid en dat dit een helse toer zou worden. Want de ambities waren hoog, dit moest niet ‘een' boek worden over Toonder, maar ‘het’ boek.”
In de archieven van het Literatuur Museum in Den Haag zijn twee Toondercollecties ondergebracht, die van Toonder zelf en die van de Toonder Studio’s. “Daar zijn we gaan gras­duinen, Toonderkenner Klaas Driebergen en ik. Het was spannend: konden we nog verrast worden? Alle Toonderstrips zijn gearchiveerd, maar nu trokken we laden open met allemaal nog ongearchiveerd materiaal. Al bij onze eerste expeditie kwamen we zoveel prachtige dingen tegen. Daardoor wisten we: ja, het kan!”




Samensteller Willem Feltkamp:
“Zo is er een opvallend pikante tekening van een man die zijn hoofd gedrukt houdt tegen de buik van een vrouw in een weinig verhullende avondjurk. “Heel atypisch, zo kenden we Toonder nog helemaal niet.”


[…]
Het boek bevat heel vroege tekeningen van Toonder, voor de schoolkrant en in schoolschriften – en een geïllustreerd verhaal waarin de plechtige Bommelstijl al herkenbaar is. Er zijn de omslagillustraties die Toonder maakte voor meisjesboeken, gravureachtige tekeningen geïnspireerd op het werk van Gustave Doré. […]
“Ik denk […] dat we hier zijn meest bijzondere materiaal tonen. Dit boek gaat alleen over hem als kunstenaar, over wat hem dreef; dat vond ik met alle Toonderboeken die er zijn echt nog een leemte. In dat opzicht is die een ultiem boek.

Archief 2019