Logboek

De weekboeken van 2012 t/m najaar 2016 zijn hier niet meer terug te lezen. 
Het Weekboek heet inmiddels Logboek en is letterlijk een Dagboek

In 2019 besluit ik de logboeken voortaan te nummeren, zodat zij gemakkelijk zijn
terug te vinden - in de eerste plaats voor mezelf! 

Op 1 januari 2020 kies ik ervoor niet meer dagelijks, maar weer wekelijks te schrijven.
Terug naar het Weekboek dus. De nummering laat ik weer los.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links vooruit naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019 en 2018 en de logboeken van 2017 en najaar 2016.

Dat in het beeld de klok op vijf uur staat, is omdat ik elke ochtend schrijf van 5 tot circa 8 uur.

Week 41 - 288. Familiehotel

dinsdag 15 oktober 2019



Had deze zondagochtend een afspraak gepland bij Van der Valk in Ridderkerk, zo’n beetje op gelijke afstand tussen de woonplaatsen van mijn gast en mezelf in. Maar… die versliep zich en berichtte, toen ik er al even zat, dat hij er pas een uur later kon zijn. Die tijd overbrugde ik gemakkelijk met het in de loungeruimte bijwerken van Agenda, App en mail en het me verbazen over de drukte in het nog niet eerder bezochte lid van deze familiehotelketen. 

Door achterkleinkinderen aan haar rollator begeleid schuifelde al snel een breekbare, minstens negentigjarige binnen. Zij was al uiterst voorzichtig naar haar plaats in de gehuurde zaal geloodst toen het voltallige ontvangstcomité van kinderen en kleinkinderen de – ook minstens negentig – genodigden ontving in de grote hotelhal, die uiteindelijk tot bijna onaanvaardbare drukte en luidruchtigheid zwol.


 

In de enigszins beschutte ruimte waar ik me bevond en het schouwspel gadesloeg, waren links van mij een vijftiger en veertigster in een geanimeerd gesprek geraakt. Zij leken elkaar op dit vroege uur nog niet goed te kennen, maar werkten zicht- en hoorbaar toe naar iets beters op een later tijdstip van de dag. “Doe mij maar een pils”, zei hij om 11 uur tegen de serveerster. Zijn gaste was even stil en besloot toen op enigszins teleurgestelde toon: “Doe mij dan nog maar een thee.” En daarna, zich weer onbespied samen wetend en weerbaarder: “Als jij nú al aan het bier begint, verwacht ik niet dat jij hier vanmiddag nog iets presteert.” Hij, overmoedig: “Nee hoor, daarvan word ik alleen maar beter.” Alleen al door zijn machogrijns erbij had ik meteen al net zoveel medelijden met haar als zij met zichzelf. Daar ging haar veelbelovende zondag en de hoop op nog vele gezamenlijke dagen, maanden en jaren daarna. De jongen van zo’n zeventien en het een paar jaar jongere meisje dat, elkaar innig omstrengeld, hun ontbijt en ons achter zich lieten om richting de lift de route terug naar hun hotelkamer te kiezen, sloegen zij en ik samen gaande. Hij niet. Hij keek op dat moment op de drankkaart, want speciale biertjes heeft toch elk hotel tegenwoordig? 

Rechts van mij zat een Indonesische man – in zwart gekleed, strak staartje, bazig baardje – die voortdurend onrustig heen en weer liep tussen het tafeltje waar hij om de vijf minuten dwingend een Spa blauw bestelde, en de parkeerplaats. Onafgebroken was hij met zijn telefoon in de weer: binnen met berichten sturen, buiten met bellen. Om 11.30 uur arriveerde zijn gast. Een Duitser, hoorde ik. Ontvangst zonder omhelzing, zonder uitgestoken hand. Omdat zij dicht bij mij zaten en ik hun conversatie klaarblijkelijk ook letterlijk in de weg zat, besloten zij opeens van het Nederlands-Duits op het Italiaans over te schakelen. En omdat zij zagen dat ik steeds op mijn telefoon bezig was, liepen zij ieder afzonderlijk een keer heel dicht langs mij om op mijn scherm te kijken. Was dat om vast te stellen of ik hier undercover zat om hun conversatie op te nemen? Hoe dan ook, vanaf dat moment zaten zij een half uur lang – nog geen halve meter van elkaar verwijderd – alleen nog maar via hun telefoons met elkaar te communiceren. Daarna vertrok de een, vijf minuten later de ander.

Het was maar kort daarna dat mijn gast binnen kwam rennen en zich excuseerde voor zijn late komst, maar echt, hij had wat mij betreft niet vroeger hoeven komen.

Archief 2019