Logboek

De weekboeken van 2012 t/m najaar 2016 zijn hier, om persoonlijke redenen, niet meer terug te lezen. Het Weekboek heet inmiddels Logboek en is letterlijk een Dagboek.

Van de zomer van 2017 tot mei 2018 vang ik mijn berichten in 120 woorden: de lengte van het dagelijkse IK'je op de achterpagina van NRC-Handelsblad. Daarna bestaan die 120-woordenberichten korte tijd niet uit losse afleveringen, maar vormen zij een geheel, per aflevering genummerd. Als ik ook die voorwaarde loslaat, zijn logboeken voortaan zo lang als ze moeten zijn.  

In 2019 besluit ik de logboeken voortaan te nummeren, zodat zij gemakkelijk zijn terug te vinden - in de eerste plaats voor mezelf! Aan het einde van het jaar moet de teller op 365 staan. En ja, oplettende lezer: meestal loop ik behoorlijk op de zaken (lees: data) vooruit: elke dag immers dient zich aan hoofd en hart veel méér aan dan te vatten is in één enkele aflevering.

Of de teller op 31 december op 365 staat, is sinds de zomer van 2019 zeer de vraag. Ik start 1 september met het schrijven van twee biografieën, die respectievelijk najaar 2021 en voorjaar 2024 zullen verschijnen. Vanaf dat moment ontbreken de tijd en ruimte  om dagelijks aan deze rubriek te werken.
 

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links vooruit naar het volgende. Handiger zijn de links hierna: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019 en 2018 en de logboeken van 2017 en najaar 2016.

Dat in het beeld de klok op vijf uur staat, is omdat ik elke ochtend schrijf van 5 tot circa 8 uur.

Week 17 - 123. I.M. Peter Koekebakker

vrijdag 03 mei 2019

Je hebt wel eens dat je hoort van iemands dood en dat je je meteen zorgen maakt over de gevolgen die dat heeft voor degenen die niet zonder haar of hem konden. De afhankelijke achterblijvers dus: een demente partner, een zorgenkind, maar net zo goed een dier…

Toen ik een maand geleden las van de dood van Peter Koekebakker, pas 58 jaar oud, dacht ik: hoe moet dat nou toch met zijn honden? Koekebakker – als je die naam één keer hebt gehoord, vergeet je die nooit meer – redde zwerfhonden uit Zuid-Spanje en dankzij een actie van Sjuul Paradijs kwamen die vooral naar Nederland. 

Peter de Waard heeft in de Volkskrant de rubriek Het eeuwige leven, waarin hij overledenen portretteert. De Waard staat (op 26 april) laat bij zijn dood stil, maar het werd wel een mooi In Memoriam.

Een paar citaten:

Als kind liet hij de bok al in de huiskamer lopen. Die knaagde aan de bloemen en wist waar de koelkast met melk stond. […] Hij was ook gek op zijn konijnen en natuurlijk op de honden. Als enig kind mocht hij dat allemaal hebben.

Later werd hij groenteboer in Almelo totdat hij zestien jaar geleden met vakantie naar Spanje ging, daar een nieuwe partner ontmoette en niet meer terugkeerde. Hier ontdekte hij hoe zwerfhonden aan de zuidkust na tien dagen in de opvang werden afgemaakt door ze soms levend in het vuur te gooien. Hij begon zijn eigen opvang Animal in Need in La Línea de la Concepción, vlak bij de rots van Gibraltar. Uiteindelijk verbleven daar zeshonderd honden.



Tien jaar geleden maakte Telegraaf-columnist Rob Hoogland er een reportage over. Hoofdredacteur Sjuul Paradijs besloot daarop zelf te gaan kijken en organiseerde een actie. ‘Ik heb toen een gesprek gearrangeerd met Transavia met het idee om op Werelddierendag in een klap 250 honden naar Nederland te transporteren. Het is iets anders gegaan, maar het is wel gelukt.’ Peter Koekebakker werd uitgeroepen tot Dierenvriend van het Jaar tijdens een door De Telegraaf georganiseerde hondenwandeling in het Amsterdamse Bos met duizend honden.’

Niet alleen gewone Nederlanders maar ook veel BN’ers […] namen een ‘Koekebakker’, zoals de honden werden genoemd, in huis. […] Via Animal in Need werd Stichting Second Chance Foundation opgericht, die ging strijden tegen dierenmishandeling en ander onmenselijke gedrag jegens zwerfhonden.

Koekebakker - rode paardenstaart, pet, doorgerookte stem en voor de duvel niet bang - overleed 21 maart in Spanje, pas 58 jaar oud, aan de gevolgen van een aangeboren hartafwijking. Hij laat zijn Zwitserse partner Madeleine Gurtner achter, met wie hij 16 jaar geleden de opvang begon. 

Hij ontdekte dat er in het plaatsje (La Línea de la Concepción dus, FV) een dodingsstation (perrera) voor honden was. Hij schrok van de uitwassen. Naast de perrera bouwt Koekebakker eigenhandig hokken en kennels om de honden op te vangen die hij uit de perrera haalde. Die opvang was provisorisch en de dieren hadden vaak last van de hitte en het ongedierte. Maar ze kregen een kans en de perrera werd gesloten.

Peter Koekebakker moest nu zelf alle zwerfhonden gaan ophalen en pups die in dozen of dichtgebonden zakken in de kanalen werden gegooid. Hij redde ook veel andere verwaarloosde dieren van de dood, zoals katten, paarden, varkens en zelfs zeeleeuwen. Voorzitter Irma Neijman van Animal in Need prijst zijn charisma. ‘Hij was een soort cowboy die zich door niemand de les liet lezen.’

Maar ja, Cowboy Koekebakker is er dus niet meer en bij zo’n plotselinge dood op jonge leeftijd heb je, vrees ik, nog niet bij je opvolging stilgestaan. Kan Madeleine het alleen af? Hebben ze een goed team van vrijwilligers om zich heen? 
Nou ja, zo begon ik dus: je hebt wel eens dat je hoort van iemands dood en dat je je meteen zorgen maakt over de gevolgen die dat heeft voor degenen die niet zonder haar of hem konden. De afhankelijke achterblijvers dus: de Koekebakkers in dit geval.

Archief 2019