Logboek

Het Logboek (de edities van 2012 t/m najaar 2016 zijn hier niet meer terug te lezen) verandert 1 januari 2020 weer van een dag- in een Weekboek. Elke week schrijven over wat week maakt. Of zoals ik het tegenwoordig noem: ik ben in mijn leven onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt: met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links vooruit naar het volgende. Handiger echter zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 20202019 en 2018 en de logboeken van 2017 en najaar 2016.

-----

Dat in het beeld de klok op vijf uur staat, is omdat ik elke ochtend schrijf van 5 tot circa 9 uur.

Week 29 - Kama [1]

maandag 23 juli 2018

Wat gebeuren er toch mooie dingen in ons museumkwartier: in het Design Museum is er die prachtige dubbelexpositie rond de privécollecties sieraden van Yvonne Joris en keramiek van Benno Premsela (lees hier) en in het Noordbrabants Museum is dat prachtige overzicht van werk uit de Chinese-kunstcollectie van Uli Sigg (lees hier) amper voorbij en komt er alweer iets aan om naar uit te zien. Wel heel anders, want Kamagurka neemt ons mee naar Kamagurkistan en dat ligt Voorbij de grenzen van de ernst. Met andere woorden: aandacht voor de humor in zijn cartoons en schilderijen door de jaren heen. En dat oeuvre is zeer omvangrijk zoals we kunnen zien en lezen in de catalogus die zojuist verscheen.



Ik zag Luc Zeebroek, zoals zijn echte naam is – hij is net zo oud als ik, dus van 1956 –, voor het eerst toen hij in 1981 tijdens de Vlaamse variant van de Nacht van de Poëzie in Brussel onbedoeld optrad. De catalogus beschrijft het voorval: 
De Vlaamse dichter Paul Snoek spreekt een ginnegappende stoorzender aan in het publiek. ‘Als je het beter kunt, kom dan maar eens hier staan.’ Kamagurka klimt het podium op. 
Wat er daarna gebeurt, was pijnlijker voor Paul Snoek dan de catalogus het weergeeft. Kamagurka imiteert de dichter met zijn omfloerste stem en kokette gebaren genadeloos. De zaal heeft medelijden met Snoek, maar nog meer leedvermaak door het bravoure van die onbekende landgenoot. Die hilariteit wordt beloond, want een jaar later mag hij op de Nederlandse Nacht van de Poëzie, Vredenburg Utrecht, zijn opwachting maken als entr’acte. Dat is het begin van zijn carrière als performer.

In het Koningstheater en nu in de Verkadefabriek geldt hij (dus al zo'n twintig jaar) als vaste bespeler en hij heeft nog eens een tekening voor me gemaakt. En later heeft hij mij tijdens een repetitie gedemonstreerd hoe makkelijk zo’n dagelijkse cartoon voor de NRC-voorpagina kan zijn: je pakt een leeg bierviltje, denkt, tekent en schrijft. Vijf minuten later maakt de iPhone een foto om door te sturen naar de redactie. “Nog net op tijd!” Let wel: hij voegde er met een diepe zucht aan toe dat het zo gemakkelijk kàn zijn, maar lang niet altijd is.
 

De NRC-bijdrage van zaterdag 21 juli 2018. Let op die eerste n: nEDERLAND


[Wordt vervolgd.]

Archief 2018