Logboek

Het Logboek (de edities van 2012 t/m najaar 2016 zijn hier niet meer terug te lezen) verandert 1 januari 2020 weer van een dag- in een Weekboek. Elke week - een enkele keer iets vaker - schrijven over wat week maakt. Of zoals ik het tegenwoordig noem: ik ben in mijn leven onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt: met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug
naar het vorige jaar; met de pijl links vooruit naar het volgende. Handiger echter zijn deze links:
daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2020 (deel 1: A t/m G, deel 2: H t/m L,
deel 3: M t/m R, en deel 4: S t/m Z),  2019 en 2018 en
de logboeken van 2017 en najaar 2016.

-----

Dat in het beeld de klok op vijf uur staat, is omdat ik elke ochtend schrijf van 5 tot circa 9 uur.

Week 21 - Jij was van mij [1-4]

donderdag 31 mei 2018

1.
Onlangs schreef ik hier over Jij bent van mij, Peter Middendorps roman, gebaseerd op de moord op Marianne Vaatstra. In de Volkskrant van zaterdag (26 mei) staat een indrukwekkend interview met de vader van een andere vermoorde dochter: Anne Faber. 
Wim Faber keert zich tegen de Nederlandse rechtsgang, omdat de man die in 2011 twee meisjes (16 en 17 jaar) verkrachtte – en zei “trots te zijn” op die daad omdat hij “blij was dat een droom was uitgekomen” – de gelegenheid kreeg in herhaling te vallen, nu met de dood tot gevolg. 
Onthutsend te lezen hoe radeloos de vader zijn dochter zocht, zelfs tot in de kliniek waar Michael P. verpleegd werd.

Hij is op tientallen meters van de dader geweest.


Wim Faber


2.
Van 30 september tot 12 oktober: dertien dagen zoeken. Pas dan wordt Anne Fabers lichaam gevonden. Vader Wim doet niet aan de gecoördineerde zoektocht door vrijwilligers mee. 

Hij onttrekt zich daaraan. Hij volgt zijn instinct Hij voelt dat iemand Anne iets heeft aangedaan. En als hij die persoon vindt, dan vindt hij zijn dochter. […]
Na een aantal dagen loopt hij met zijn broer Hans het terrein op van de forensisch psychiatrische kliniek van Altrecht in Den Dolder op. Samen hebben ze alle risicoplekken uit de buurt in kaart gebracht en die bezoeken ze een voor een. 
Ze eisen een gesprek met een leidinggevende. “Wat voor mensen zitten hier eigenlijk?”, vraagt Wim. […]
“Hier zitten patiënten […] die zijn veroordeeld voor ernstige misdrijven.” 


3.
“Zou je Annes verdwijning willen bespreken in de groepen?”, vraagt Wim. “Zodat je kunt bekijken hoe mensen reageren?” 
“Nee,” zegt de man, “dat maakt te veel mensen te onrustig.”
Wim dringt niet verder aan. Maar als ze naar buiten lopen, krijgt hij buikpijn. “Foute boel”, zegt hij tegen zijn broer.
Het slechte gevoel laat hem niet los. Een paar dagen later gaat hij met zijn broer en een groep vrienden opnieuw naar de psychiatrische kliniek. […] Ze verspreiden zich over het terrein. Ze kijken in vuilnisbakken en tussen de struiken, op zoek naar iets wat naar Anne kan leiden.

Alleen die radeloze zoektocht zou al onderwerp kunnen zijn voor Middendorps nieuwe roman. Bijna dezelfde titel – vanuit de berooide vader: Jij was van mij.


Anne Faber


4.
Ontroerendste fragment. Meteen aan het begin van het interview.
Wim Faber heeft zich één ding voorgenomen: tijdens de begrafenis van zijn dochter Anne wil hij niet boos zijn. Niet denken aan de gruwelijkheden. Hij wil vertellen hoe belangrijk zij voor hem was. En hoe kwetsbaar. 
En dus vertelt hij op vrijdag 20 oktober 2017 in de Stevenskerk in Nijmegen over Annes kettinkje. 
Het was zijn cadeau voor haar 18de verjaardag. Een gouden kettinkje met een klein diamantje, dat hij elk jaar zou inruilen voor een iets grotere. Hij weet nog precies wat hij erbij zei. “Anne, als je ergens ter wereld in nood bent en het geld is op – ruil deze diamant dan in. Zodat je altijd veilig thuis kunt komen.”

Het interview eindigt met deze opmerking:
Het kettinkje dat Wim Faber aan zijn dochter Anne cadeau deed, is nooit teruggevonden.

 



 

Archief 2018