Logboek

De weekboeken van 2012 t/m najaar 2016 zijn hier, om persoonlijke redenen, niet meer terug te lezen. Het Weekboek heet inmiddels Logboek en is letterlijk een Dagboek.

Van de zomer van 2017 tot mei 2018 vang ik mijn berichten in 120 woorden: de lengte van het dagelijkse IK'je op de achterpagina van NRC-Handelsblad. Daarna bestaan die 120-woordenberichten korte tijd niet uit losse afleveringen, maar vormen zij een geheel, per aflevering genummerd. Als ik ook die voorwaarde loslaat, zijn logboeken voortaan zo lang als ze moeten zijn.  

In 2019 besluit ik de logboeken voortaan te nummeren, zodat zij gemakkelijk zijn terug te vinden - in de eerste plaats voor mezelf! Aan het einde van het jaar moet de teller op 365 staan. En ja, oplettende lezer: meestal loop ik behoorlijk op de zaken (lees: data) vooruit: elke dag immers dient zich aan hoofd en hart veel méér aan dan te vatten is in één enkele aflevering. 

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links vooruit naar het volgende. Handiger zijn de links hierna: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019 en 2018 en de logboeken van 2017 en najaar 2016.

Dat in het beeld de klok op vijf uur staat, is omdat ik elke ochtend schrijf van 5 tot circa 8 uur.

Week 1 - Dichteres Dickinson

maandag 02 januari 2017

Vrijdagavond zag ik, in LantarenVenster, de film A Quiet Passion, over het leven van de Amerikaanse dichteres Emily Dickinson (1830-1886). In de hoofdrol Cynthia Nixon en de Liefste herkende haar van de sitcom Sex and the City - maar ik kijk nooit televisie.
Prachtige film en de reden om vanochtend Dickinsons bundels weer eens uit de kast te nemen. De vertaalde Liefdesgedichten - eerst (in 1995) door Louise van Santen en later (in 1997) door Willem Wilmink. Dit in een tot dertig verzen beperkte keuze onder de titel Ik zou nooit weggaan van mijn vriend. Daarnaast een bundel (uit 1986) met andere Gedichten, eveneens door Louise van Santen vertaald, en (in 2005) de prachtige, in twee delen uitgegeven vertalingen van Peter Verstegen, waarover Vrouwkje Tuinman schreef: "Peter Verstegen tilt Dickinson naar deze eeuw." Tenslotte Welk een waagstuk is een brief, een uitgave (uit 2006) van haar brieven, gekozen en vertaald door Bert Keizer.

Tijdens het leven van Emily Dickinson verschenen er slechts hier en daar gedichten van haar hand. Zeven in totaal en ook nog eens alle gepubliceerd onder pseudoniem. Na Emily's dood, op 55-jarige leeftijd, kreeg haar zus Lavinia niet alleen de beschikking over achthonderd gedchten in veertig zelfhandgenaaide bundels, maar ook over een doos met daarin nog elfhonderd gedichten. Lavinia's inzicht dat de negentienhonderd handgeschreven gedichten van haar zus het verdienden gepubliceerd te worden, leidde uiteindelijk, in 1955, tot de eerste complete:uitgave: The Poems of Emily Dickinson. Daarmee begon de roem van deze grote dichteres.

"Er is vermoedelijk geen zuiverder liefdespoëzie dan die van deze eenzame vrouw, die de liefde misschien nooit aan den lijve ondervond", schreef Willem Wilmink. Louise van Santen denkt daar anders over en citeert Professor William Shurr, die in een studie van haar gedichten tot de conclusie komt dat de liefdesgedichten van Dickinson alle gericht zijn tot een en dezelfde persoon en daarom ook niet bedoeld waren voor publicatie.

Louisa van Santen: "In gedichten als Jij leerde mij wachten met mijzelf en Waarom houd ik van jou, heer? wordt iemand persoonlijk aangesproken. Bovendien worden vaak gebeurtenissen of gesprekken aangehaald die alleen aan die ene lezer bekend konden zijn. [...] Emily Dickinson beschrijft hierin de pijn, het verdriet, het beleven van haar gevoelens, de vreugde en het consumeren van haar liefde."

Volgens de studie van Shurr was haar minnaar een getrouwde man, een dominee. In A Quiet Passion laat Terence Davies die optie open, maar het verklaart wel waarom Emily verbijsterd is als deze dominee met zijn vrouw geëmigreerd blijkt te zijn (misschien wel om deze geheime liefde), waarna zij zich voorgoed terugtrekt in haar kamer. Overigens: zus Lavinia verbrandde na Emily's dood bijna al haar brieven, omdat zij ervan uitging dat Emily dat zo gewild zou hebben. Lavinia was van mening dat de gedichten veel minder persoonlijk en onthullend waren en stond erop dat die wèl gepubliceerd zouden worden. 

Veel van Dickinsons liefdesgedichten eindigen met een uitspraak over de liefdesverbintenis met haar geliefde, die pas zal kunnen plaatsvinden in de hemel. Dat besef moet haar erg eenzaam hebben gemaakt.

 In de rubriek Gedicht Gedacht kies ik vandaag voor een ander gedicht van Dickinson. Geen liefdesgedicht - alhoewel, De Dood is een personificatie van De Verloren Geliefde. Het gedicht zit ook prominent in de film. die jij, beste lezer, echt nog even moet gaan zien. Nu kan het nog. In LantarenVenster zaten we slechts met z'n achten, telde ik, dus lang zal A Quiet Passion niet meer draaien.
 

Archief 2017