Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een sinds 2016 dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse, maar daarna toch weer iets vakere rubriek met gedichten en gedachten daarover. Vanaf januari 2021 zal er minder vaak dan wekelijks een bijdrage te lezen zijn; de schrijftijd gaat op aan drie boeken in voorbereiding. Het levensmotto blijft: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

------

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar;
met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2022-1 (A t/m K), 2022-2 (L t/m Z) 2021-1 (A t/m K), 2021-2 (L t/m Z), 2020-1 (A t/m K), 2020-2 (L t/m Z), 2019, 20182017 en 2016.

Week 44 - 166. Harrie Jekkers: Het schaakspel

donderdag 03 november 2022

[Beluister hier.]


Ik moet zo'n acht jaar zijn geweest
Toen ik op een koude zondagmiddag
Aan mijn moeder vroeg: ‘Kan u me schaken leren?’
Ze zei: ‘Dat is lang geleden, dus ik weet niet meer zo goed 
Hoe het moet, maar goed, we kunnen het proberen’

Dus ik pakte de zes-spellendoos
Nam er een dambord uit
Waarop je op de achterkant kon schaken
Maar de stukken, die zaten er niet bij. Mijn moeder zei 
‘Die zullen we dan zelf maar moeten maken’

Ze knipte toen papiertjes uit 
En die gaf ze door aan mij
En zei er telkens bij  wat ik er op moest schrijven
En toen we klaar waren, plakten we samen
De namen van de stukken op de schijven

En ze zei  ‘Dit is de koning, alles draait om hem
Als hij valt dan heb je het verloren
Hij is machtig, hij kan alles, hij mag overal naar toe
Over het hele bord, van achteren naar voren
Met de torens mag je recht, met de lopers enkel schuin
En die dingen kunnen springen, dat zijn paarden
En die koningin die mag niet meer dan maar een vakje per keer
Het is eigenlijk een stuk van weinig waarde’

Dus wij samen aan het schaken
Nou het was zaak je koning vrij te maken
En dan naar de overkant om te plunderen en te roven
En die koningin stond wat lullig achterin
Werd in het hele spel zo goed als nooit verschoven

Ik moet zo'n vijftien jaar geweest zijn
Toen ik logeerde bij een vriend
Die mij vroeg:  ‘Harrie, partijtje schaken?’
Dus ik aan het rauzen met die koning 
En die vriend , die vroeg verbaasd 
‘Ga je lekker, dat ken je toch niet maken!’
En ik vroeg kwaad:  ‘Wat doe ik dan verkeerd?
Want toen ik klein was, heeft mijn moeder mij geleerd

‘Dit is de koning, alles draait om hem
Als hij valt dan heb je het verloren
Hij is machtig, hij kan alles, hij mag overal naar toe
Over het hele bord, van achteren naar voren
Met de torens mag je recht, met de lopers enkel schuin
En die dingen kunnen springen, dat zijn paarden
En die koningin die mag niet meer dan maar een vakje per keer
Het is eigenlijk een stuk van weinig waarde’

Ik moet zo'n vijfentwintig jaar geweest zijn
Toen ik op een zondag aan mijn moeder vroeg
‘Weet U nog dat U mij heeft leren schaken?’
Ze zei: ‘Dat is lang geleden, maar dat weet ik nog precies
Toen moesten we de stukken zelf maken!’

En ik zei:  ‘Ik heb jaren fout geschaakt
Want U heeft toen een fout gemaakt
En ik snap pas nu wat er toen is misgegaan
Want ja een sterke koningin, zat er toen nog niet zo in!’
Mijn moeder vroeg:  ‘Wat heb ik dan verkeerd gedaan?’

En ik zei: ‘Het gaat wel om de koning, alles draait om hem
Als hij valt dan heb je het verloren
Maar die koningin, Ma, die mag veel meer  dan maar een vakje per keer
Over het hele bord van achteren naar voren
Zou het kunnen dat U toen  die rollen omgedraaid heeft
Omdat je daar destijds nog niet op lette?’
Toen zei ze een tijd lang niets
Stond ze op en zei: ‘Ik ga koffie zetten’

Het was op een koude zondagmiddag
Ik moet zo'n acht jaar zijn geweest
Ik heb van mijn moeder veel geleerd, maar zij en ik
Van die ene fout misschien nog wel het meest
Van die ene fout misschien nog wel het meest

1991


Vervolg van gisteren. 

Archief 2022