Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een sinds 2016 dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse, maar daarna toch weer iets vakere rubriek met gedichten en gedachten daarover. Vanaf januari 2021 zal er minder vaak dan wekelijks een bijdrage te lezen zijn; de schrijftijd gaat op aan drie boeken in voorbereiding. Het levensmotto blijft: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar;
met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 20222021-1 (A t/m K), 2021-2 (L t/m Z), 2020-1 (A t/m K), 2020-2 (L t/m Z), 2019, 20182017 en 2016.

Week 22 - 58. Marieke Lucas Rijneveld: Noodweer

zaterdag 04 juni 2022

Wat hebben we aan regels, aan de tien geboden en Gij zult niet doden,
aan al die presidenten met beloftes als kogelwerende vesten,
wat hebben we aan de wet van noodweer als we weten dat in sommige
gevallen het Zelf scheefgroeit en het niet een dier maar oud zeer najaagt?


Iemand schreef: Maak eerst het leven zachter in plaats van de dood.
Het omgekeerde geldt ook, hoe kunnen we zachter leven als de
dood ons steeds opwacht als een clown met een kettingzaag
of erger: als een gewoon mens, die met één knal je wereld verbrijzelt.


Ik heb een keer mijn vingers tot pistool gevormd, tegen de rug van een
klasgenoot geduwd en bang bang geroepen, waarop de klasgenoot
begon te lachen en zei: schutters zijn niet bang, zij kennen geen bang.
Ik had, net als in het liedje, beng beng moeten zeggen, maar wist dat hij gelijk had.


Zo vreesde ik meer het begin van dingen dan het einde, dat wat je kon overvallen,
zoals een feest, de eerste zonnestralen, blauwe brieven, telefoontjes van
verre vrienden; ik weet nu dat dit een voorrecht is, dat ik de dood ten onrechte
als geduldig zag, als een gast die de hele avond op zijn beloofde biertje wacht.


Men zegt soms dat kwaad met kwaad moet worden bevochten,
dat het hard tegen hard, scherp tegen scherp, maar er zal dan geen dader
berecht worden, geen bloedbad voorkomen, want ik weet zeker:
niet één president weet hoe je de tranen van een ouder moet drogen.


Nadat ik het pistool uit mijn vingers liet verdwijnen, leerde ik
op de middelbare school in een les plantenteelt dat je woekerkruid
bij de kiem aan moet pakken om het voorgoed uit te roeien,
en dat de kiem altijd aan het begin van ieder leven zit, bij de wortel.


Wat hebben we aan regels, wat hebben we aan liefhebben als een ander
zo het licht uit kan knippen, wat hebben we aan alle geschiedenisrelazen
en nee-zo-willen-wij-nooit-worden, wat hebben we aan elkaar als we toch
vergeten (echt, dit vergeten we!) dat ons grootste wapenbezit het woord is.

2022


Vandaag in de Volkskrant een speciaal voor de krant geschreven gedicht van Marieke Lucas Rijneveld. Dit naar aanleiding van de schietpartij op een basisschool in het Amerikaanse Uvalde (Texas). Daarbij kwamen negentien kinderen (van zeven tot tien jaar oud) en twee leraren om. Anderen raakten ernstig gewond. De politie doodde de pas 18-jarige schutter.

Indrukwekkende poëzie! Per publicatie overtuigt Marieke Lucas Rijneveld ons er meer van wat voor een groot dichter-romancier inmiddels is opgestaan.

Archief 2022