Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een sinds 2016 dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse, maar daarna toch weer iets vakere rubriek met gedichten en gedachten daarover. Vanaf januari 2021 zal er minder vaak dan wekelijks een bijdrage te lezen zijn; de schrijftijd gaat op aan drie boeken in voorbereiding. Het levensmotto blijft: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

De illustratie ROT TOCH OP MET JE POËZIE! is van Gummhah
- het is zijn de Volkskrant-cartoon van 4 maart 2022 -
en die is hier met vriendelijke toestemming van
Gertjan van Leeuwen (= Gummbah) afgedrukt.

------


Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar;
met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 20222021-1 (A t/m K), 2021-2 (L t/m Z), 2020-1 (A t/m K), 2020-2 (L t/m Z), 2019, 20182017 en 2016.

Week 11 - 28. Peer Wittenbols: Welkom thuis

maandag 14 maart 2022

[Kijk en luister en huiver!]


U dacht nog op de dag van uw pensioen:
Vanaf nu alleen nog maar leuke dingen doen…
Kinderen, kleinkinderen, verre reizen naar de zon...
U dacht dat alles opnieuw begon, u dacht dat dat kon...
Maar u vergat mij...
Ik was al vlakbij...
Ik kwam van rechts met de bus...
Uit het niets...
En u op uw gloednieuwe fiets...
Van links...
Dus...

En jij daar! Jij! Nog maar zo kort getrouwd...
Jij dacht nog: verdien ik het dat iemand zoveel van mij houdt...
Huisje, appelboompje, beestje, alvast een kamertje voor de kleine...
Lang en gelukkig de zijne, dacht je toen. Maar je was al bijna de mijne...
Alleen: je kende mij nog niet zo goed...
Ik woonde dan al in je bloed...
Ik zat er al...
Overal..
In je lymphen, je longen, je gal...
Trouwlint...
Werd rouwlint...

Zelf weten of je huilt!
Maar wie huilt, verraadt waar hij schuilt...

En jij dan! 
Jij was precies op tijd, meisje...
Daar op het een-nachtsijs...
Precies op tijd voor je laatste reis...
Naar de bodem van het grauwe water...
Niet eerder, niet later...
Precies op tijd voor de hoofdprijs…
Jij was pas zes toen ik je vond...
Wist jij wel dat ik bestond?...
Wie dacht je dat ik was...
Toen je me zag?
De oude man in het zwart?
De witte engel met het koude hart?
Zo heb ik nog honderd namen...
Kijk me aan, jongedame...

Zelf weten of je huilt!
Maar wie huilt, verraadt waar hij schuilt...

En jij...
En jij...
Of jij...
Ik hoef jou niet te zoeken...
Want ik heb je al...
Ik hoef jou niet te lokken...
Je woont al in de val...
Je hoeft niet aan de ketting...
Jij blijft toch wel hier...
De mens is zelfs na zijn leven...
Nog een gezelschapsdier...

Natuurlijk, ik word door jullie uitgelachen...
Uitgejouwd, afgesnauwd, doodgezwegen...
Weggepest met psalmen, peniceline...
Prima! Ik wacht geduldig af. Om u te dienen...
Weet dat jullie zo aan jullie kleine levens hangen...
Zo naar de eeuwigheid verlangen...
Dankzij mij en niets of niemand anders dan uw getrouwe...
Dus mondje houwen…

En doe nou maar wat ik zeg...
Het is niet toevallig dat je mij hier treft...

Toegegeven:
Sommigen van jullie overleven eventjes...
Je eigen dood met kunst, wetenschap, muziek...
Jacques Brel, Charles Aznavour, Jules Deelder, Herman van Veen…
(Herman van Veen niet? O, nou goed…)
Hun lichamen kreeg ik wel en best wel snel...
Maar in hun werk leven ze dan nog even voort...
Oh, kippenvel…

En zo zijn er nog wel een paar van die lastige dingen...
Die zich moeilijk laten bedwingen:...
Hardnekkige liefdes bijvoorbeeld of kostbare herinneringen...
Of steeds dezelfde liedjes die jullie maar blijven zingen…
Die zijn moeilijk klein te krijgen...
Maar elke zanger zal ooit zwijgen...
Wit begint...
Zwart wint...

Zelf weten of je huilt!
Maar wie huilt, verraadt waar hij schuilt...

Nee, ik verbrand je kerken niet...
En ik zal je standbeelden niet onthoofden...
Jullie maken zelf wel kapot...
Waar je zo graag in geloofde...

Ik bombardeer je synagogen niet...
Of moskeeën of abdijen...
Ik haal mijn mes niet door schilderijen...
Nee, daar ben ik niet bij...
Dat lukt jullie allemaal prima zonder mij...

Jij...
Ja, jij...
Ik kom voor jou, voor jou alleen...
Nee, niet voor je have en goed...
Niet voor je geld of goud...
Maar voor je vlees en voor je bloed...
Waarom?
Nou, niet omdat het moet...
Waarom dan?
Niet omdat het kan...
Wil je weten waarom wel?
Wil je dat ik het vertel?
Kom maar!
Kom maar, jij...
Kom maar nog dichterbij...

Daarom!
Dat is waarom...

Maar ik moet gaan...
Aan alles komt een eind...
Het werkt roept...
Roept mijn naam...
Hoor ze gillen...
Hoor ze bidden...
Hoor ze huilen om mij...

Zelf weten of je huilt!
Maar wie huilt, verraadt waar hij schuilt...

2021


Een tweede kanshebber voor de Annie M.G. Schmidt-prijs 2021: het lied dat Peer Wittenbols schreef voor de theatervoorstelling Hotel Spijkers van Joost Spijkers cum suis.

Archief 2022