Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een sinds 2016 dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse, maar daarna toch weer iets vakere rubriek met gedichten en gedachten daarover. Vanaf januari 2021 zal er minder vaak dan wekelijks een bijdrage te lezen zijn; de schrijftijd gaat op aan drie boeken in voorbereiding. Het levensmotto blijft: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

------

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar;
met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2022-1 (A t/m K), 2022-2 (L t/m Z) 2021-1 (A t/m K), 2021-2 (L t/m Z), 2020-1 (A t/m K), 2020-2 (L t/m Z), 2019, 20182017 en 2016.

Week 49 - 238. Bette Westera: Lege handen

donderdag 09 december 2021

'Zeg maar dat ik ziek ben', zei ik zachtjes.
Mama knikte.
We hadden bij de voedselbank de boodschappen gedaan.
'Het spijt me, maar het gaat niet, lieverd.'
Mama keek me aan.
Ik veegde vlug de tranen weg die in mijn ogen prikten.

Ik zou ontzettend graag naar Sems verjaardag zijn gegaan,
maar op een feestje kom je niet met lege handsen aan.

2021


Toeval. Gisteren stond in deze rubriek het gedicht dat Anne Vegter schreef voor Wereldarmoededag 2016 en zat de nieuwe aflevering van de Poëziekrant (2021/6) bij de post. Traditiegetrouw zit daar een prentbriefkaart bijgestoken die de uitgever (het Gentse Poëziecentrum) in opdracht laat schrijven, illustreren en drukken. Dit keer was het verzoek aan dichter Bette Westera en illustrator Sylvia Weve om het thema armoede aan de orde te stellen. Dit in het kader van de Werelddag van Verzet tegen Armoede op 17 oktober. Dat leidde tot dit ontroerende vers voor jong en oud.

Archief 2021