Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse (maar soms toch weer iets vakere) rubriek met gedichten en gedachten daarover. Geschreven vanuit mijn levensmotto: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar;
met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar
de inhoudsopgaven van 2020-1 (A t/m M), 2020-2 (N t/m Z), 2019, 20182017 en 2016.

Week 46 - 186. Jos Versteegen: Vrienden

maandag 16 november 2020

Voor meneer W.

Het moet een jaar of twee geleden zijn.
U was een dag niet in ’t café geweest,
als in een smartlap bleef uw barkruk leeg.
Er werd gebeld en u kreeg veel bezoek:
de brandweer aan de deur, en de politie,
terwijl u, ziek, alleen maar zat te lezen.
Er woonde nog familie in het zuiden,
een neef of nicht kwam ooit nog bij u langs,
het moet een jaar of tien geleden zijn.
Als in een smartlap was u ook gescheiden
en lag u in het ziekenhuis, eenzaam,
verlangend naar de vrienden in uw boeken,
die elke dag het volle leven waren.
Ik weet niet wat u weggedronken hebt
of welk bestaan u lezend wilde smoren.
Vaststaat: er woonden vrienden in uw huis,
honderd, duizend, het was er al die jaren
onopgemerkt een drukte van belang.

2020


Over de Eenzame Uitvaart heb ik al vaak geschreven. Het verslag – als altijd van Joris van Casteren – is hier te lezen: Eenzame uitvaart 254, de dato 20 augustus 2020. Ik neem het gedicht op omdat Jos Versteegen er de Ger Frits-prijs 2020 mee heeft gewonnen. Ger Frits-prijs?

De Ger Fritz-Prijs is een jaarlijkse prijs voor het mooiste Eenzame uitvaart-gedicht van het afgelopen jaar. De eenmansjury bestaat traditiegetrouw uit de heer Ger Fritz zelf. Hij is een gepensioneerd medewerker van het Bureau Uitvaarten van Gemeentewege van de Gemeente Amsterdam. 

De voltallige jury:
Bij het lezen van het gedicht Vrienden van Jos Versteegen maakte ik in gedachten even een reis terug in de tijd; naar de periode dat ik als ambtenaar, met enkele collegae, belast was met de uitvoering van de Wet op de Lijkbezorging. […] Een van de regels die ik hierbij hanteerde was: wij oordelen en veroordelen niet. Ook dacht ik na over het woord eenzaam. Wat is dat eigenlijk precies en hoe manifesteert zich dat? Voor mijzelf kwam ik tot de volgende conclusie: eenzaamheid kan je overkomen. Je kunt het over jezelf afroepen door – al dan niet dankzij een stoornis - dermate deviant gedrag te vertonen dat de maatschappij je laat vallen. Ook kan je ervoor kiezen. Talloos zijn de keren dat ik te horen kreeg dat een Eenzame uitvaart zielige mensen betrof. Ik heb er altijd op gewezen dat dit niet op in alle gevallen hoeft te gaan. Versteegen geeft dit goed weer in het gedicht.

Archief 2020