Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse (maar soms toch weer iets vakere) rubriek met gedichten en gedachten daarover. Geschreven vanuit mijn levensmotto: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar;
met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar
de inhoudsopgaven van 2020-1 (A t/m M), 2020-2 (N t/m Z), 2019, 20182017 en 2016.

Week 40 - 153. M. Vasalis: De idioot in het bad

vrijdag 09 oktober 2020

Met opgetrokken schouders, toegeknepen ogen, 
haast dravend en vaak hakend in de mat,
lelijk en onbeholpen aan zusters arm gebogen,
gaat elke week de idioot naar 't bad.

De damp die van het warme water slaat 
maakt hem geruster: witte stoom… 
En bij elk kledingstuk, dat van hem afgaat, 
bevangt hem meer en meer een oud vertrouwde droom.

De zuster laat hem in het water glijden, 
hij vouwt zijn dunne armen op zijn borst, 
hij zucht, als bij het lessen van zijn eerste dorst 
en om zijn mond gloort langzaam aan een groot verblijden.

Zijn zorgelijk gezicht is leeg en mooi geworden, 
zijn dunne voeten staan rechtop als bleke bloemen, 
zijn lange, bleke benen, die reeds licht verdorden 
komen als berkenstammen door het groen opdoemen.

Hij is in dit groen water nog als ongeboren, 
hij weet nog niet, dat sommige vruchten nimmer rijpen, 
hij heeft de wijsheid van het lichaam niet verloren 
en hoeft de dingen van de geest niet te begrijpen.

En elke keer, dat hij uit 't bad gehaald wordt, 
en stevig met een handdoek drooggewreven 
en in zijn stijve, harde kleren wordt gesjord 
stribbelt hij tegen en dan huilt hij even.

En elke week wordt hij opnieuw geboren 
en wreed gescheiden van het veilig water-leven, 
en elke week is hem het lot beschoren 
opnieuw een bange idioot te zijn gebleven.

1940





Eerste uitgave van haar Verzameld werk, want niet alleen haar poëzie (inclusief, ook in facsimilé, vijf niet eerder gepubliceerde jeugdgedichten), is erin opgenomen, maar ook haar proza, waaronder de zeven verhalen uit de bibliofiele uitgave De amanuensis, die Van Oorschot in 2009 uitgaf ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van M. Vasalis (pseudoniem van Margaretha Droogleever Fortuyn-Leenmans, 1909-1998).






In deze rubriek nam ik al eerder gedichten van haar op: Er zijn dingen (binnen deze bijdrage rond Micha Hamel), Het ezeltje, Moeder, Nostalgique, Phoenix II en Sub Finem en Socce Voce. Bij gelegenheid vandaag een ander beroemd gedicht, afkomstig uit Parken en Woestijnen, haar debuutbundel in 1940. 





Ik kan het niet lezen zonder te denken aan dit schilderij van Co Westerik: – Man in bad (1988).

Archief 2020