Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een sinds 2016 dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse, maar daarna toch weer iets vakere rubriek met gedichten en gedachten daarover. Vanaf januari 2021 zal er minder vaak dan wekelijks een bijdrage te lezen zijn; de schrijftijd gaat op aan drie boeken in voorbereiding. Het levensmotto blijft: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar;
met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar
de inhoudsopgaven van 20212020-1 (A t/m K), 2020-2 (L t/m Z), 2019, 20182017 en 2016.

Week 27 - 71. Wiel Kusters: In opdracht (XII)

vrijdag 10 juli 2020

XII

‘Ik heb hem lang geleden nog gekend.
We hebben op het schoolplein rondgerend.’
De vraag is over wie die woorden gaan,
je bent alom en nergens. Maar het went.


XIII

Ging je je ogen sluiten vóór ik dat
zou doen met vingers die jij niet meer had,
maar die zich nu naar mijn gezicht bewogen?
Ik moest wrijven, want mijn ogen werden nat.


XIV

‘Het voelt vreemd dat ik er zo niet meer zal zijn.’
Je lag verlamd, maar hing nog aan de lijn.
Men bracht je slaap, men nam je zuurstof weg.
Ik kusje je. Toen scheurde het gordijn.


2018


Vervolg van gisteren.

Rutger Kopland dichtte: Weggaan kun je beschrijven als een soort van blijven. Wiel Kusters koos een ander veelzeggend motto voor zijn kwatrijnenbundel. Van J.H. Leopold: U missen en u niet ontgaan…

Archief 2020