Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een sinds 2016 dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse, maar daarna toch weer iets vakere rubriek met gedichten en gedachten daarover. Het levensmotto blijft: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

------

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar;
met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de 
inhoudsopgaven van 2024-1 (A-F), 2024-2 (G-K), 2024-3 (L-R) en 2024-4 (S-Z),
2023-1 (A t/m K) en 2023-2 (L t/m Z), 
2022-1 (A t/m K), 2022-2 (L t/m Z) 2021-1 (A t/m K), 2021-2 (L t/m Z), 2020-1 
(A t/m K), 2020-2 (L t/m Z), 2019, 20182017 en 2016.

Week 23 - 60. Paul Demets: Korf

vrijdag 12 juni 2020

O zomer. En alles bloedt. Het sap verzamelt krachten.
Er is de zon. Haar stralen wassen met bleekmiddel,
schroeien de bladeren dicht, de bloemkelken.

Binnen doen de wasmotten zich tegoed. We worden
door vuilbroed aangetast. Kan je dat aantonen, 
wordt er gevraagd. Er zijn geen klachten.

We wonen dicht. We delen enkel onder ons.
Het gonst van geruchten over de verdwijnziekte.
We kennen geen honger, alleen maar trek.

Er zit een homp mens in de raten.
De clematis glimt in de schemer, hangt
ten hemel te schreien. Geur vliegt uit.

We ondergaan. We worden onze bijen.

2020


Vervolg van gisteren.


Paul Demets:
Dit gedicht drukt mijn bezorgdheid uit over de houding van de Belgische en Vlaamse regering in verband met de klimaatopwarming. 

Archief 2020