Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Vanaf 2019 zijn de afleveringen genummerd; op 31 december kom ik uit op 365. En ja, het klopt dat ik meestal al verder ben dan het jaar oud is; er is immers zoveel moois om het over te hebben.

Met ingang van 1 januari 2020 schrijf ik niet meer dagelijks,
maar wekelijks en laat ik de nummering weer los.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 50 - 355. Jelle Reumer: De uil en het poesje

zaterdag 21 december 2019

[Vertaling van: Edward Lears The Owl and the Pussy-Cat]


De uil en het poesje gingen uit varen
in een prachtige grasgroene schuit
Met een watermeloen en een flinke zak poen
voeren ze samen het zeegat uit
De uil zag de sterren, hoog in het zwerk
en zong begeleid door zijn luit
‘O heerlijke poes, mijn liefde voelt sterk
Wat een bloedmooie poes ben je toch
Dat ben je
Dat ben je
Wat een bloedmooie poes ben je toch!’

Poes riep met plezier: ‘Jij allerliefst dier,
‘k wist niet dat je zó mooi kon zingen
O laten we trouwen, ‘k zal ’t nimmer berouwen.
maar hoe komen we dan aan de ringen?’
Zo voeren ze maar, wel meer dan een jaar
naar het land van het Bingelbongkruid
En daar in het bos liepen twee varkentjes los
Met een ring aan het eind van hun snuit
Van hun snuit
Van hun snuit
Met een ring aan het eind van hun snuit.

Ze wilden het doen en boden toen poen
aan de zwijntjes, die riepen ‘da’s fijn!’
Ze werden getrouwd door een oude kalkoen
die woont naast de berg bij ’t ravijn.
Ze aten een dis van gebakken banaan
met een mes en een aftandse vork
En hand in hand, aan de rand van het strand
Dansten ze bij het licht van de maan
Van de maan
Van de maan
Ze dansten bij het licht van de maan.


2019


Voor toelichting: lees hier.

Archief 2019