Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Vanaf 2019 zijn de afleveringen genummerd; op 31 december kom ik uit op 365. En ja, het klopt dat ik meestal al verder ben dan het jaar oud is; er is immers zoveel moois om het over te hebben.

Met ingang van 1 januari 2020 schrijf ik niet meer dagelijks,
maar wekelijks en laat ik de nummering weer los.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 40 - 283. Jacques van Tol: Jans Pommerans

donderdag 10 oktober 2019

[Beluister hier = singleversie- wijkt af van originele tekst.]

In Nieuwerschans daar was een meid
Een levend spook van magerheid
Een lange dunne rariteit
Een paling van een meid
Ze kon wel door een lampeglas
Als je d'r aankeek wist je pas
Wat vóór, opzij of achter was
Een ieder zei: 't Is kras!

Jans Pommerans uit Nieuwerschans
O wat een spriet, wat een niet, wat een lat
Jans Pommerans uit Nieuwerschans
O wat een plank van een meid is dat

Wanneer ze langs de wegen liep
Gebeurde het dat iemand riep:
Daar gaat een Zuiderzee-poliep
Van 't voorhistorisch tiep
De boerenpaarden werden mal
Van schrik en vluchtten naar de stal
De dienders brulden luid sta pal!
Daar kruipt een reuzenkwal

Jans Pommerans uit Nieuwerschans…

En als ze in haar ledikant
Ging rusten, sliep ze veilig want
Heur linkeroog en rechterhand
Bewaakten saam de rand
Heur benen trok ze aan d'r kin
D'r armen lei ze knopen in
En als een opgerolde spin
Sliep ze al blozend in

Jans Pommerans uit Nieuwerschans…

Die lange dunne rare meid
Die heeft eens voor een korte tijd
Met een Amsterdamse kraai gevrijd
Dat was een stommiteit
De kraai had gauw genoeg van haar
En stuurde toen een ooievaar
Die kwam en zag en zei: wat raar
Het is bepaald niet waar!

Jans Pommerans uit Nieuwerschans…

In Nieuwerschans daar is een meid
Die eenzaam op haar nagels bijt
En stiekem in d'r eentje schreit
Omdat ze heeft gevrijd
Die kraaienspruit die is nog klein
Doch blijkt reeds muzikaal te zijn
En zingt maar steeds tot haar chagrijn
Dit populair refrein:

Jans Pommerans uit Nieuwerschans…

1966


 
Voor toelichting: lees hier.

Archief 2019