Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Vanaf 2019 zijn de afleveringen genummerd; op 31 december kom ik uit op 365. En ja, het klopt dat ik meestal al verder ben dan het jaar oud is; er is immers zoveel moois om het over te hebben.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn de links hierna: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 35 - 249. Robbert-Jan Henkes: Treurzang...

vrijdag 06 september 2019

Treurzang op de dood en begrafenis van Robin Roodborst

Wie schoot Robin Roodborst dood?
     Ik, zei de Mus,
     Met een pijl van mijn zus,
Ik schoot Roodborstje dood.

Wie zag hem doodgaan?
     Ik, zei de Vlieg,
     Als ik niet lieg,
Ik zag hem doodgaan.

Wie ving zijn bloed op?
     Ik, zei de Vis,
     In deze dis,
Ik ving zijn bloed op.

Wie maakt zijn wade?
     Ik, zei de Kever,
     Rechter of schever,
Ik naai zijn wade.

Wie graaft zijn graf?
     Ik, zei de Uil,
     Ik graaf de kuil,
Voor Roodborst zijn graf.

Wie leest de preek?
     Ik, zei de Raaf,
     En het wordt braaf,
Ik lees de preek.

Wie schrijft het op?
     Ik, zei de Leeuwerik,
     De godganse mik,
Ik schrijf het op.

Wie draagt de fakkel?
     Ik, zei de Kneu,
     Al vind ik het sneu,
Ik draag de fakkel.

Wie leidt de stoet,
     Ik, zei de Duif,
     Want hij was mijn duifje,
Ik leid de stoet.

Wie pakt de kist?
     Ik, zei de Wouw,
     Straks, maar niet nou,
Ik pak de kist.

Wie draagt het lijkkleed?
     Wij, zeiden Winterkoning
     En Winterkoningin,
Wij dragen het lijkkleed.

Wie zingt een psalm?
     Ik, zei de lijster,
     Al zing ik niet bijster,
Ik zing een psalm.

Wie luidt de bel?
     Ik, zei de Stier,
     Ik luid hem voor vier,
Dus Robin Roodborst, vaarwel.

En alle vogels van de lucht
     Huilden heel devoot,
     Toen ze hem hoorden luiden,
Want Robin Roodborst was dood.

2019




Van het achterplat van En weg was haar neus:
Engelse nursery rhymes staan aan de wieg van de hele Engelstalige literatuur. Er is geen genre waar ze niet te vinden zijn, overal duiken ze op. Deze schat aan wiegeliedjes en kinderversjes blinkt uit in vrolijkheid, absurdisme en plezier. De versjes zijn zo melodieus dat ze je een heel leven bijblijven. […]
En weg was haar neus omvat – tweetalig - rijmpjes en liedjes, babydeuntjes, raadsels, tongbrekers, babyspelletjes, vinger- en teennamen, alfabetten, aftelrijmpjes, gebeden en slaapliedjes, vertaald en gekozen door Robbert-Jan Henkes en door hem van toelichting voorzien.

Iona en Peter Opie zijn dé autoriteiten op dit gebied. In hun Oxford Nursery Rhyme Book (1955) verzamelden zij achthonderd teksten, waarvan Henkes er ruim tweehonderdvijftig vertaalde. En hij voegde, onder het kopje Extra, nog een hoofdstuk met 25 versjes toe die men indertijd te lasterlijk of scabreus vond.

Geweldig boek, bovenal door de zeer ruime aantekeningen, waarin Henkes op z’n Willem Wilminks – dus licht, maar leerzaam – ingaat op zijn bronnen, vertaalkeuzes en andere wetenswaardigheden. Zo leren we over bovenstaande treurzang op de dood van een vogel dat die al zo oud is als de Romeinen, want Catullus (ca. 84 tot 45 vChr.) schreef er al over. En John Skelton in Engeland (1508), wiens versie van 1.400 regels de inspiratiebron vormde voor de ballade Cock Robin (auteur onbekend). Die is in het Nederlands vertaald door onder anderen Marianne Keser (1975), Judith Herzberg (1977), Willem Wilmink (idem 1977), Henk Cornelissen (1996) en Koos Meinderts (2016). En vervolgens gaat hij ook in op de keuzes die hij, anders dan deze voorgangers, maakte. 

Nogmaals: geweldig boek!


Archief 2019