Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Vanaf 2019 zijn de afleveringen genummerd; op 31 december kom ik uit op 365. En ja, het klopt dat ik meestal al verder ben dan het jaar oud is; er is immers zoveel moois om het over te hebben.

Met ingang van 1 januari 2020 schrijf ik niet meer dagelijks,
maar wekelijks en laat ik de nummering weer los.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 33 - 235. Charles Bukowski: Koffie...

vrijdag 23 augustus 2019

koffie en klein grut

ik slaap bij Lila en de volgende ochtend
gaan we naar een buurttent met speciaal ontbijt,
dan naar haar vriendin Buffy.
Buffy heeft een tweeling, twee jongens, vader onzeker, en leeft van de steun
in een flat van 150 dollar per maand.
de tweeling krijst, kruipt rond, ik pak er een op en hij trekt
aan mijn baardje.
‘gezellig,’ zeg ik. ‘hier zo te zitten met 2 mooie dames
om tien uur smorgens in de stad Burbank terwijl
andere mannen werken.’

steeds als de tweeling wordt verschoond zie ik dat ze een stijve hebben
(hun problemen beginnen op de leeftijd van één)
en hun kontjes zijn rood van uitslag en treurnis.
‘vroeger maakte ik de kroegen open en sloot ze af,’ zeg ik,
‘gasten twintig jaar jonger sloeg ik verrot. Nu zit ik
bij vrouwen en klein grut.’

we drinken koffie, ik biets een sigaret. (Buffy weet dat ik
er goed voor ben. Ik koop een pakje voor haar
straks.) de meiden hebben gein om mijn lelijke gezicht.
ik rook. Ik heb hierna wel een paar wijsheden nodig maar
Boeddha is weinig behulpzaam.
Buffy staat op en wiegelt met haar kont naar me:
‘mij krijg je niet, Chinaski, je bent te oud, je bent te
lelijk.’
nou ja, nietwaar, het is ongemakkelijk voor me. Lila en ik drinken
onze koffie op en dalen de groene treden af naar het
blauwgroene
zwembad. het is 11 uur smorgens. India en Pakistan zijn in
oorlog. we stappen in mijn geblutste ’62 Comet. hij
start. oké, we kunnen naar de renbaan gaan, we kunnen nog een keer neuken,
we kunnen gaan slapen, we kunnen een snel huwelijk sluiten over de grens,
we kunnen ruzie krijgen en het uitmaken of zij kan mij de nieuwe moorden
voorlezen in de Herald-Examiner.
het eindigt ermee dat
we ruzie krijgen en het uitmaken en dat ik vergeet om voor
Buffy haar pakje sigaretten
te kopen.

2011


De genoegens van de verdoemden is de titel van de door Jos Verstegen vertaalde gedichten van de Amerikaanse schrijver Charles Bukowski (1920-1994).




Verstegens voorwoord:


Dichters zijn jong of blijven het lang. Charles Bukowski was vanaf het begin een oude dichter. Het vroegste werk in deze selectie komt uit bundels die hij publiceerde na zijn vijftigste. En wat nog vreemder is: veel van zijn beste gedichten komen uit postuum gepubliceerde bundels. Het lijkt of zijn uitgever Harper-Collins, de rechtsopvolger van de Black Sparrow Press, over een onuitputtelijke voorraad Bukowski-poëzie beschikt: sinds zijn dood in 1994 zijn er nieuwe bundels verschenen in 1996, 1997, 1999, 2000, 2001, 2003, 2004, 2005, 2006 en 2007. Daarnaast verschenen bloemlezingen. De selectie in deze bundel is, met de titel, ontleend aan de uitgebreidste bloemlezing The Pleasures of the Damned(2007), voor wie wil vergelijken voordelig te bestellen bij Amazon uk; ook daarin staan nog twintig niet eerder gebundelde (uncollected) gedichten. In sommige postume bundels is vroeg werk opgenomen en de chronologie van ontstaan is niet te overzien. Hier is de volgorde per bundel aangehouden, maar de ongebundelde vroege gedichten zijn geplaatst vóor de postume bundels.
Bukowski is in Nederland de auteur van vijf romans, maar zijn ware talent lag in het korte verhaal en het gedicht. Van zijn gedichten is vrijwel niets vertaald. De wereld die Bukowski in zijn boeken laat zien is onverwisselbaar de zijne, met sardonische humor beschreven. Hij schildert zichzelf of zijn alter ego als een rauwe macho en dronken woesteling, soms een vulgaire pocher, maar de andere kant van zijn persoon - de messcherpe maar meedogende observator van de menselijke soort, de beschouwelijk registrerende, nuchter-lyrische, zintuiglijke, soms ingekeerde Bukowski - komt het best tot uiting in zijn poëzie. Het zijn gedichten in gewone woorden, waarin geen woord verkeerd staat, over alledaagse dingen die niet eerder onderwerp waren van poëzie. De vaak korte regels en het staccato ritme versterken het effect. Veel liefhebbers zullen aangenaam verrast zijn door deze in Nederland vrijwel onbekende dichter, de markantste stem uit het Amerika van zijn tijd, die in Nederland invloed heeft gehad op auteurs als Martin Bril, Bart Chabot en Jules Deelder.


Bukowski

Aan dat rijtje voeg ik vandaag Alex Roeka toe (lees hier en hier). Want die sprak ik vorige week over zijn bundel, waarover ik niet enthousiast heb geschreven. Toen noemde hij Charles Bukowski als zijn inspiratiebron. Reden voor mij om bovenstaande bundel weer eens uit de kast te pakken. En wat zie ik: Roeka’s bundel heeft hetzelfde formaat en dezelfde typografie. Alleen volgt hij niet Bukowski’s keuze om alleen namen met een hoofdletter te laten beginnen. Opeens wordt mij veel duidelijk.  

Archief 2019