Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover. Geschreven vanuit mijn levensmotto: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 20202019, 20182017 en 2016.

Week 33 - Rui Cóias: Hij zei dat reizen...

vrijdag 24 augustus 2018

Hij zei
dat reizen betekent dat je kunt vertrekken naar de
plek voor je,
dat iedere plek alleen maar indruk maakt omdat hij
suggereert dat je er daarna weer een ziet.
En dat ten slotte, als je alles achter je laat
en alleen nog maar het luiden van de klokken hoort,
de landschappen niet langer bestaan, alleen nog
maar je vrijgekomen ademhaling zijn.
‘Wat ons leidt is dat we ons lichaam kunnen begraven
op een andere plek;
want in alle plaatsen uit het verleden hebben we ons lichaam
in het zicht van de volgende plek gelaten.’
Zonder enige vrees te tonen begreep ik
dat ik de doorzichtigheid van de wereld had ontdekt,
dat ik geholpen was door het
onthutste gezicht van de reizigers.
En ik herinnerde me dat de tijd ons van onze
vroege jeugd tot de oude dag zou leren
dat wij waar schoonheid overweldigt wennen aan een pauze in
onze ogen, in onze handen en onze ogen, want die vertellen
ons het weinige dat er van ons overblijft.

2018





Laat de stilte is de titel van de tweetalige bundel van de Portugese dichter Rui Cóias (1966). Harrie Lemmens vertaalde de gedichten naar het Nederlands en schreef de inleiding, waarin hij Cóias zelf aan het woord laat.. 

Cóias heeft zijn werk als juridisch adviseur […] zo kunnen inrichten dat hij ook de ruimte heeft om af en toe weg te gaan uit zijn stad en de eenzaamheid op te zoeken. De verschillende schrijvershuizen die Europa telt bieden daarvoor uitkomst. ‘Waar maakt me niet zoveel uit, als ik maar alleen kan zijn en me vrij kan bewegen, En in alle rust kan werken. En dan bedoel ik niet alleen schrijven, maar vooral rondlopen, kijken en naar de geluiden luisteren.’ […]
Stilte is van wezenlijk belang voor Cóias. ‘Tegenwoordig is alles spektakel. Wat je doet, wat er gebeurt, het moet allemaal onmiddellijk invoelbaar zijn. Met als gevolg oppervlakkigheid: het is informatieschuim, gaat niet verder dan de huid. Stilte daarentegen is nooit direct, maar heeft te maken met schaduw, met enigma’s. De stilte neemt iets weg. Om met Heidegger te spreken: het is de taal van wat bezinkt.’

Ook weer een uitgave van Vleugels trouwens. Ik schreef al eerder over die uitgeverij.

Archief 2018