Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover. Geschreven vanuit mijn levensmotto: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 20202019, 20182017 en 2016.

Week 33 - Athena Farrokhzad: Mijn vader zei...

maandag 20 augustus 2018

Mijn vader zei: Wiens vader schilder je

Mijn moeder zei: Wiens moeder schilder je

Mijn broer zei: Welke broer wordt er bedoeld

Mijn oma zei: Als je niet snel de groente fijnhakt, hebben we straks geen avondeten

2018




Athena Farrokhzad (1983) is van Iraanse afkomst. Haar familie ontvluchtte in de jaren tachtig het theocratische regime en woont sindsdien in Zweden, waar Athena inmiddels geldt als een van de belangrijkste stemmen in het Scandinavische maatschappelijk debat. En ze is dichteres. Haar debuutbundel Een witte suite is in meer dan tien talen vertaald; nu ook in het Nederlands (door Lisette Keustermans). 

Van de flaptekst:
In Een witte suite komen de stemmen van een gevluchte familie aan het woord. De moeder van het gezin past zich zo snel mogelijk aan in haar nieuwe thuisland. Vader blijft trouw aan zijn revolutionaire idealen. De broer wil geaccepteerd worden. Grootmoeder verlangt terug naar de plek waar 'de munt langs de beken groeit'. En de oom speelt de rol van intellectuele getuige. De stem van de schrijvende dochter vinden we tussen de regels. Met humor observeert ze hoe de personages beschuldigend, maar vaak ook liefdevol commentaar geven op hun situatie en op elkaar. Een witte suite is een bundel over rouw, verloren dromen en de vraag hoe je overeind blijft in een sneeuwwitte wereld.

De schrijvende dochter citeert haar familieleden. Met als inleidende zin steeds: Mijn moeder zei… Mijn vader zei Mijn broer zei… Mijn oma zei… Mijn oom zei… Steeds slechts een of enkele regels. Soms als enige op de pagina om te suggeren dat die woorden alleen tot haar zijn gericht of dat er niemand anders luistert; dan staan er weer uitspraken van twee, drie of vier personen onder elkaar, alsof die met elkaar in gesprek zijn en Athena hen observeert. Ze praten over het verleden in Iran, over het heden in Zweden, over verloren idealen en over de dichtkunst van Athena. Dat laatste soms uiterst kritisch (Mijn moeder zei: Jij vervormt de schade met je ongelukkige leugen. Er is een stomheid die niet vertaald kan worden), soms dicterend (Mijn moeder zei: Schrijf het zo. Voor mijn vooruitzichten offerde mijn moeder alles op. Ik moet haar waardig zijn, alles wat ik schrijf moet waar zijn), maar toch ook met bewondering (Mijn moeder zei: Elke familie heeft zijn verhalen, maar om ze naar buiten te brengen is iemand nodig met een bijzondere bereidheid ze te verdraaien en Mijn oom zei: De oorlog is nooit opgehouden, maar jij hield ermee op slachtoffer van de oorlog te zijn).

 



Bijzonder is ook het omslag van Een witte suite: het wit dat, behalve naar het Zweedse landschap, verwijst naar het typografische wit dat zo bepalend is. Hoe meer wit op een pagina hoe geïsoleerder een personage staat, terwijl het onder elkaar plaatsen van citaten van verschillende personen hun verbondenheid symboliseert. En de lege muziekregels hebben natuurlijk betrekking op de suite: een muziekstuk dat bestaat uit een opeenvolging van meerdere, in zich gesloten delen voor één of meerdere instrumenten. In dit geval is duidelijk wat – of nee, wie die instrumenten zijn. Mooie bundel. 

 



 

Archief 2018