Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover. Geschreven vanuit mijn levensmotto: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 20202019, 20182017 en 2016.

Week 31 - Hans Dorrestijn: Oorlogswinter

maandag 06 augustus 2018

[Beluister hier]

Vader
Je bracht mij toen naar Friesland
Winter van vierenveertig
Er lag sneeuw. Het was koud
Banden van hout
Gladde weg vol met kuilen
Na een kwartier ging ik huilen
En ik zeurde om brood
Het was hongersnood

Vader
Je kwam langs een controle
Ik was bang voor de Duitsers
Die zo tegen je schreeuwden
Maar je mocht door
Klopte toen bij een boer aan
Die liet ons in de kou staan
Hebt een slaapplaats gezocht
Het was hongertocht

Vader
En we sliepen in schuren
En de tocht bleef maar duren
Tot je in Oosterwolde
Dan afscheid nam
Je bent zelf teruggereden
Hebt weer honger geleden
Je was zwaar ondervoed
Je had heldenmoed

Vader
Ik kreeg warmte en eten
Ik was die reis zo vergeten
En de kou ging voorbij
Het werd groen in de wei
Ik zat op vrede te wachten
Het kwam niet in mijn gedachten
Dat je me nooit meer zou halen
Je hebt me enkel gebracht

1977


Ook vandaag Dorrestijn. Bij hoge uitzondering was de muziek er eerder dan de tekst. Harry Bannink componeerde de muziek voor de film Oorlogswinter, naar het gelijknamige boek van Jan Terlouw. Dorrestijn vond die muziek te mooi om daar niet méér mee te doen en zette een tekst naar deze melodie. Hij heeft die zelf nooit gezongen; Joost Prinsen zette het lied op zijn eerste solo-LP: Liedjes van de koude grond (1977). De wijziging Klopte toen bij een boer aan. Die liet ons in de kou staan in Klopte toen bij een boer aan. Tevergeefs bij een boer aan was een voorstel van Joost Prinsen zelf. Veel sterker.

In menig interview geeft Dorrestijn er blijk van dat zijn eigen droeve jeugd de grootste inspiratiebron is voor zijn verhalen en liedjes. Hij is juni 1940 geboren en hij heeft zijn vader nauwelijks gekend. Die is zeer actief in het verzet en de Duitsers fusilleren hem in het voorjaar van 1942. In Oorlogswinter herdenkt hij zijn vader, ook al is het kind in dat lied ouder dan hij toen zelf was: pas één jaar. Met zijn agressieve stiefvader houdt hij een slechte band, “wat me later veel inspiratie oplevert”.

Archief 2018