Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse en vanaf 1 januari 2020 wekelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover. Geschreven vanuit mijn levensmotto: ik ben onderweg om mooie dingen aan te raken.

-----

Voor wie een handvat zoekt:
Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn deze links: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 20202019, 20182017 en 2016.

Week 7 - Jacques Brel: Wie volgt ((Au suivant)

vrijdag 23 februari 2018

Beluister en bekijk hier in de uitvoering van Jeroen Willems.

[Vertaling: Ernst van Altena]


Naakt, met een handdoek
Om mijn al te smalle lenden
Zeepdoos in mijn hand
Mijn wangen roodgekleurd…
Wie volgt! Wie volgt!
Ik was pas twintig jaar
Net als de hele bende:
Bloot in de klamme rij
Van ieder-krijgt-een-beurt…
Wie volgt? En wie volgt?
Ik was pas twintig jaar
En nog geen echt vent
Op bevel naar het kampbordeel
Van ‘t regiment…
Wie volgt! En wie volgt!

Ik verlangde zo naar
Wat tederheid en liefde
Of zelfs alleen een lachje
Of alleen wat tijd…
Wie volgt! Wie volgt!
Die walmend-geile rij
Die mijn gevoelens griefde
Verslagen was ik al
Lang voor de echte strijd…
Wie volgt! En wie volgt!
En dan die rotsergeant
Die nicht, die halve vent
Met zo’n stem
Maak je hele legers impotent:
Wie volgt! En wie volgt!

Ik zweer hier op de eikel
Van mijn eerste druiper
Dat ik die stem sindsdien
Mijn leven lang ontmoet:
Wie volgt! En wie volgt!
De knoflookstankstem
Van die altijd-dronken gluiper
Dat is de stem der volkeren
Van bodem en van bloed:
Wie volgt! Wie volgt!
Sinds dat moment is ‘t net
Of iedere vrouw en maagd
Die in mijn armen klaarkomt
Lispelend, fluisterend vraagt:
Wie volgt? Wie volgt?

Vaak denk ik laat de volgelingen
Hier op aarde
In opstand komen
Tegen deze slavernij:
Wie volgt! Wie volgt!
Maar soms vraag ik me af
Wat heeft de meeste waarde
Te volgen?
Of gevolgd te worden in de rij?
Wie volgt! Wie volgt!
Ik hak mijn benen af
Ik word non of proefkonijn
Of wat dan ook…
Als ik maar nooit meer hoef te zijn
Hij die volgt!

1974


Na twee Jacques Brel-vertalingen van Ron Klinkenberg (zie hier en hier), twee van Peer Wittenbols (zie hier en hier) en een van Ivo de Wijs (zie hier) kunnen we natuurlijk niet heen om de oorspronkelijke vertalingen die Ernst van Altena in de jaren zestig schreef. Ook daarvan zong Jeroen Willems (zie hier) er in 2006 zes. Twee daarvan stonden al eerder centraal in deze rubriek: Orly en De radelozen. Vandaag en morgen aandacht voor twee van de vier andere, te beginnen met Wie volgt. 
Henk van Ulsen zong
Wie volgt in 1974 en Jeroen Willems zingt het ruim dertig jaar later in die vertaling, zij het dat die tekst hier en daar is ‘gemoderniseerd’. Zo werd: Ik was pas twintig jaar en nog geen echte vent, veranderd in: Ik was pas twintig jaar, had nooit een vrouw bekend. En die walmend-domme rij, was anno 2006 die walmend-geile rij. Tot slot: ik word non of cherubijn is nu ik word non of proefkonijn. Te wenig om van een nieuwe vertaling te spreken en terecht dat Van Altena hier alle credits krijgt.

Archief 2018