Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is
Carol Ann Duffy

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Nieuw is dat de dagen vanaf 1 januari 2019 zijn genummerd; op 31 december kom ik uit op 365.

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende.
Met de links hierna ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 48 - Gerard van Maasakkers: Als je niet...

zaterdag 02 december 2017

[Zie en luister hier]


Als je niet…
Dan word je vandaag vijftig
En we zingen ‘n liedje voor jou
Lang zal ze leven
Sarah Marijke
 
We zingen 'n liedje voor jou

’n Levensloop…
En ik hoop
Dat je alles wat je hebt gewild en hebt gedacht…
Dat alles uitgekomen is voor jou

Als je niet…
Dan word je vandaag vijftig
En we zingen ’n liedje voor jou
Zusje
Kusje
Dag Marijke

Als je niet…
Dan zijn de kinderen al de deur uit
En OMArijke fietst de kleine naar de kleuterklas
En jullie zingen samen
Liedjes van altijd
Van je ras ras rijdt de koning door de plas

Maar zo nu en dan
Baal je ervan
De dingen die je eigenlijk had willen doen
Maar niet te lang want dat is niks voor jou

Als je niet…
Dan word je vandaag vijftig
En ik zing dit liedje voor jou
Zusje
Kusje
Dag Marijke

Als je niet…
Amper drie…
Zusje
Kusje
Dag Marijke

2006


[In aansluiting op de gestarte serie logboeken onder de titel Jungske.]

Gerard van Maasakkers: Dit lied kon ik pas schrijven toen mijn vader overleden was. Hij heeft nooit over de dood van Marijke kunnen praten. Ook dat gemis zit in het lied: Als je niet… Hij maakt de zin bewust niet af.

Als mijn ouders weg waren, sloop ik naar de linnenkast waar op de bovenste plank een foto van Marijke lag. Dat deden we allemaal, maar we wisten het niet van elkaar. Die foto gingen we dan bewonderen en koesteren, ook om dat ongrijpbare van de dood te kunnen pakken. Het was de enige manier, want alle andere foto’s waren uit de fotoalbums gehaald. Waarom weet ik niet. Later, toen mijn vader overleden was, heeft mijn moeder ze toch weer voor de dag gehaald. Toen mijn vader stierf, was ons Marijke de eerste over wie we spraken.

Mijn vader stond, op Kerstavond 1957, aan de overkant van de straat toen ze door een vrachtauto overreden werd. Dat moet vreselijk zijn geweest. Hij verbood mijn moeder om te komen kijken. Ik heb het wel gezien, als achtjarige. Ik weet ook niet wat dat in de relatie van mijn ouders betekend heeft. Ik denk dat het heel zwaar is geweest. En als je er dan ook niet over kunt praten…

Toen stierf zijn moeder. Toen hebben we ons Marijke op laten graven om haar weer terug te brengen naar ons moeder en ons vader. Verenigd wat niet zo vroeg gescheiden had mogen worden.

Archief 2017