Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is
Carol Ann Duffy

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Nieuw is dat de dagen vanaf 1 januari 2019 zijn genummerd; op 31 december kom ik uit op 365.

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende.
Met de links hierna ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 36 - Ted van Lieshout: Attractie

donderdag 07 september 2017

Wij waren al naar het Dolfinarium geweest
en de Drunense Duinen en toen moesten we
van mama ook nog naar de nieuwe vriendin
van papa, die we van onszelf eigenlijk nergens

voor nodig hebben, en ze is ook helemaal geen
attractie, maar gewoon iemand op wie papa
verliefd is geworden toen het eindelijk mocht.
Mama heeft gezegd dat papa heeft gezegd dat

tante, zoals we haar moeten noemen, hem in
luttele dagen het geluk bracht dat mama in nog
geen jaren voor elkaar kreeg. Wij weten niet
wat luttel is, maar het zal wel iets te maken

hebben met lul, want dat is papa volgens mam,
en wij vinden dat ook, want wij hóéven geen
attractie. Wij willen meer zakgeld, maar dat kan
niet omdat papa onze centen uitgeeft aan háár.

2017


We zouden nog even bij Leo Vroman blijven. Maar in de boekwinkel zag ik de nieuwe poëziebundel van Ted van Lieshout (zie hier en hier) en die is zo bijzonder dat die mag voordringen. Onder mijn matras de erwt is de titel en in de teksten ontvouwt zich het leven van een meisje. De achterkant meldt:
De poppen gaan eruit. Papa ook trouwens (nieuwe vriendin). Moeder vliegt uit (nieuwe vriend). Oma blijft, maar voor hoelang? En wat komt ervoor in de plaats? Veel te weinig en tegelijkertijd véél te veel.



Prachtig hoe Ted van Lieshout zich verplaatst in kindertaal en -gedachten. Slaagt daar bovenal in door meteen al de eerste zeven regels één doorlopende zin te laten zijn. Ja, zo snel spreken en schakelen kinderen als zij ergens vol van zijn. En dat dit gedicht niet rijmt, valt niet eens op.
Van Lieshout is ook beeldend kunstenaar en illustreert zijn boeken altijd rijk, zoals ideze keer met steeds weer andere afbeeldingen van vijftien poppen die hij  lang geleden maakte. Achterin de bundel licht hij die keuze toe:

In dit boek zijn vijftien poppen te zien en ik maakte ze in 1981, 1982 en 1983 van witte, zelfdrogende klei. Allemaal hebben ze ogen van knikkers, in de klei gedrukt toen die nog nat was. De knikkers zorgen op veel foto's voor lichtjes in de ogen. [Als je hierboven goed naar de afbeelding van de voorkant kijkt, zie je ze ook verwerkt in de letters, FV] 
Sommige poppen zijn langzaam gedroogd. Andere zijn op de verwarming gelegd, waardoor de klei ging barsten. Zo zijn sommige gezichten aan hun rimpels gekomen. 
Toen de poppen droog waren heb ik ze met waterverf lichtjes gekleurd, aankleed en vervolgens gefotografeerd.



 Schitterende bundel!

Archief 2017