Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Vanaf 2019 zijn de afleveringen genummerd; op 31 december kom ik uit op 365. En ja, het klopt dat ik meestal al verder ben dan het jaar oud is; er is immers zoveel moois om het over te hebben.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn de links hierna: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 29 - Hella Franken: Facchino Sophia

vrijdag 21 juli 2017

Facchino Sophia, Via Pietro Pezzi 13

Elke avond vino blanco tot ik slapen moet en
elke ochtend terug voor espresso, zeven uur.
Nooit ga ik weg vóór mijn koffiebarse overbuur -
Facchino - verschijnt uit of verdwijnt in haar redoute.

Half elf, zomer 's avonds, geldt steevast als haar cesuur;
pas rond achten krijgt de nieuwe dag handen en voeten.
Slap stoeltje voor haar deur om de hele dag te groeten
wie plaats neemt op dit terras. Hoe 'n tragisch dorpsfiguur. 

Vanmorgen half acht treedt er een dame uit haar huis:
gekapt, gezonnebrild, getast - in stijlvolle kleding.
Is zij haar Roomse zus? Zij groet mij. Is echt abuis,

denk ik even, maar die stem... Is sprake hier van fading?
Die vieze jurk heel de week blijkt... vrijetijdsbesteding!
Voortaan een applaus voor die rol uit haar recueils!

2017


Hella Franken:
Ik had werkelijk medelijden met dat oude vrouwtje dat de hele dag voor haar huis op een campingstoeltje zit te luisteren en te kijken naar de bezoekers van de enige koffiebar in mijn dorpje. Het is een druk pleintje, omdat daar ook een Farmacie en Fisioterapia gehuisvest zijn. Maar... zij sprak met niemand, 's morgens noch 's avonds. Soms stond ze op en dan zag je hoe vies de jurk was die zij altijd droeg. Misschien wel... pies of poep... Omdat zij zo buitengesloten leek, heb ik dikwijls afgevraagd: moet ik niet eens gaan informeren of er hulp voor haar is. Ik maakte een foto van haar woning. Het is die poort tegenover waar die auto staat.



Tot die ene dag dus, toen zij uit haar huis kwam getreden. Precies zoals ik het beschrijf. Ik dacht: dat kan niet! Toen ik van mijn verbazing bekomen was, vertelde ik het hele verhaal aan de man met wie ik die dagen daar was. Hij zei: "Ach, die gaat even naar haar minnaar in Rome en komt vanmiddag terug." Ik dacht: dat zal toch niet; ik sta nu al perplex. Maar nee, een half uur later was zij er alweer. Met een volle boodschappentas! Had zich dus zo opgedirkt voor de Supermercato - geen De Dirk overigens. 
En een kwartier later zat zij weer op haar plastic campingstoeltje. Haren door de war, vieze jurk aan, niet statig, maar gekromd... Eén van de theaterrollen, zo eindig ik, uit haar verzameling. 

Archief 2017