Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Vanaf 2019 zijn de afleveringen genummerd; op 31 december kom ik uit op 365. En ja, het klopt dat ik meestal al verder ben dan het jaar oud is; er is immers zoveel moois om het over te hebben.

Of de teller op 31 december op 365 staat, is sinds de zomer van 2019 zeer de vraag. Ik start 1 september met het schrijven van twee biografieën, die respectievelijk najaar 2021 en voorjaar 2024 zullen verschijnen. Vanaf dat moment ontbreken de tijd en ruimte om dagelijks aan deze rubriek te werken.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn de links hierna: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 22 - Ramses Shaffy: De trein naar het noorden

donderdag 01 juni 2017

Je stond onbeweeglijk
In tranen op 't perron
Toen ik klein was
In de trein naar het noorden

We keken elkaar na
In de ondergaande zon
Toen ik klein was
In de trein naar het noorden

Onbewust besefte ik
Dat het nu voor mij begon
Hoewel ik klein was
In een trein naar het noorden

Ik zong ons slaapgebedje
Zo hard als ik maar kon
Omdat ik klein was
In een trein naar het noorden

Ik viel onbeheerd in slaap
In de schoot van een wagon
Toen ik klein was
In de trein naar het noorden

Je staat voor mij nog steeds
op een wegstervend perron
Omdat God ons gebedje niet verhoorde

1974


Het is 1939. Ramses is zes jaar oud en zijn moeder zet hem op
de trein naar het noorden. Over het waarom vertelt Ramses Shaffy (1933-2009) tegenstrijdige verhalen; over de impact van die gebeurtenis bestaat maar één lezing: dit lied. 

Sylvester Hoogmoed schreef in 2011 de biografie van Ramses Shaffy, getiteld, naar zijn devies: We zien wel! Kort na die publicatie kreeg de uitgeverij een koffertje bezorgd met brieven, prentbriefkaarten, krantenknipsels, politierapporten en meer informatie die aanleiding gaven voor een tweede biografie: De moeder van Ramses. Leven als een losbandige Tsarendochter. Niet over hem dus, maar over haar:

Na de Russische Revolutie belandde ze via nogal wat omzwervingen in Egypte. Vervolgens frequenteerde ze de duurste hotels aan de Côte d'Azur en in Parijs, een spoor van openstaande rekeningen en ongedekte cheques achter zich latend. Na Frankrijk te zijn uitgezet, zette ze haar leven op grootse voet voort in België en Zwitsterland, gesteund door de uitstekende connecties die ze had in de hoogste kringen en vooral door haar onverwoestbare flair.



Die biografie verscheen de afgelopen week en ligt bovenop de leesstapel. Minder om haar en meer om hèm beter te leren kennen: die bohémien met zoveel trekken van die moeder, maar bovenal dat jongetje van pas zes zonder haar op weg in de trein naar het noorden.  

Mooiste zin: ik viel onbeheerd in slaap. Niet onbeheerst uit vermoeidheid, maar onbeheerd: losgelaten door die warme moederarmen en overgeleverd aan een andere, opeens kille schoot, die van een wagon. En prachtig die slotregel: na vijf keer dat herhalende rijk rijm noorden, moet er iets gebeuren. Dat was God, die ons gebedje niet verhoorde.

Archief 2017