Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Vanaf 2019 zijn de afleveringen genummerd; op 31 december kom ik uit op 365. En ja, het klopt dat ik meestal al verder ben dan het jaar oud is; er is immers zoveel moois om het over te hebben.

Of de teller op 31 december op 365 staat, is sinds de zomer van 2019 zeer de vraag. Ik start 1 september met het schrijven van twee biografieën, die respectievelijk najaar 2021 en voorjaar 2024 zullen verschijnen. Vanaf dat moment ontbreken de tijd en ruimte om dagelijks aan deze rubriek te werken.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn de links hierna: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 22 - Martin Reints: Prinsengracht 48E

woensdag 31 mei 2017

Mijn benedenbuurvrouw van 48C
neemt Goede Tijden, Slechte Tijden op voor haar dochter

in haar ene hand ligt de afstandbediening

met haar andere hand pakt ze uit een doos een filterhuls
en vult die in een hulzenstopper met tabak

bij onze buren van 48B is de Sociale Dienst langs geweest
om in de badkamer tandenborstels te tellen
en vorige week is onze buurvrouw van 48A overleden

ze heeft nu zeventien sigaretten af
en ze moet een nieuwe band in de videorecorder doen

vanuit de Prinsenstraat
rijdt een takelwagen van Parkeerbeheer de brug op

de papegaai in zijn kooi roept: doe je voorzichtig?

zo te horen komen de buren van 48F de trap op
dan houden straks hun honden op met blaffen.

2017


Gedichten en beschouwingen, zo omschrijft dichter Martin Reints (1960) het werk in zijn nieuwe bundel, getiteld Wildcamera. De wildcamera bestaat: een camera om dieren te observeren zonder dat dat wild er weet (lees: last) van heeft. Op die manier wil de dichter ook observeren: alles gaat ongestoord door, terwijl hij registreert. De waarneming van een toneelstuk in de openlucht, van schilderijen aan de muur en, in bovenstaand gedicht, van gebeurtenissen in het huizenblok waar hij woont. Zes appartementen: die van A is pas dood, die van B fraudeert, die van C maakt een klein leven ietsje groter, die van F hebben honden. Blijven er twee ongenoemd. Of nee, 48E zit in de titel, dus daar huist de dichter zelf. En 48D dan? De papegaai in zijn kooi, leeft die daar?

 

Archief 2017