Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is
Carol Ann Duffy

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Nieuw is dat de dagen vanaf 1 januari 2019 zijn genummerd; op 31 december kom ik uit op 365.

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende.
Met de links hierna ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 17 - Paul Meeuws: Bist du bei mir

zondag 23 april 2017

[Ter nagedachtenis aan mijn moeder]

Heet brandde die middag de zon.
Schaduwen kropen weg onder de voorwerpen.
In de spiegel het kind dat haar al voor ogen gestaan had
voor wij er waren.

We probeerden het aan het huilen te krijgen
of aan het lachen toen dat niet lukte.
Of we wasten ons met koud water en maakten ons op
en zagen ons in een weeskind veranderd.

We probeerden in een hiernamaals te geloven
als in een nagloeien van cellen waarin de herinnering zetelt.
We probeerden hun laatste seconden te rekken
zoals bij het voorlezen ooit onze slaap
zich met haar stem wist te vervlechten.

Maar wie zou boven het brandglas van deze dag
de tijd stil willen zetten?

Gelukkig hadden we u nog en Aafje Heynis.
Met vaste hand plaatste u de naald in de groef
en een donkere damesstem weefde een rouwlint,
golvend op een verkoelende bries.

2016


Na Joost Baars, Vicky Francken en Tijl Nuyts (en hier) vandaag, zoals beloofd, aandacht voor de vierde en laatste genomineerde voor de C. Buddingh'-prijs 2016: Paul Meeuws (1947). Debutant - niet als schrijver, wel als dichter. Maar door zijn levenservaring en taalbeheersing is het doorleefde en vaak zeer aangrijpende poëzie, zeker in de cycli die zijn opgedragen aan de nagedachtenis van zijn vader en van zijn moeder, zoals bovenstaand gedicht. 

De geluiden is de titel van de bundel, want Geluiden vergezellen ons van geboorte tot dood, meldt de achterkant. Opvallend veel aandacht voor wat we horen, zoals stemmen, maar ook televisiegeluid en bovenal muziek, heel veel muziek. Niet voor niets prijkt het schilderij Grammofoonspeler van Co Westerik op de voorkant.  

 

Ook het motto is ontleend aan een klassieke compositie: An die Musik, van Frans Schubert. In Meeuws' bundel in het oorspronkelijke Duits, maar in vertaling (door Wim Vroon) staat er:

Edele Kunst in hoeveel grauwe stonden,
dat ik door 's levens loop was ingesnoerd,
hebt gij de liefde in mijn hart gezonden
en mij een beetre wereld in gevoerd.

Treffend beeld voor deze poëzie, omdat Meeuws daarin zowel de invloed van die Edele Kunst gedetailleerd onder de loep neemt als weet te ontroeren met de liefde in mijn hart gezonden, wat in sfeer en gevoel doorklinkt in veel van de latere gedichten uit deze bundel: van zoon tot vader tot wees...




 

Archief 2017