Gedicht gedacht

 Poëzie is alledaags in de zin dat het voor iedere dag is (Carol Ann Duffy)

Een dagelijkse rubriek met gedichten en gedachten daarover.

Vanaf 2019 zijn de afleveringen genummerd; op 31 december kom ik uit op 365. En ja, het klopt dat ik meestal al verder ben dan het jaar oud is; er is immers zoveel moois om het over te hebben.

-----

Met de pijl rechts van ARCHIEF (zie onderaan deze pagina) ga je terug naar het vorige jaar; met de pijl links naar het volgende. Handiger zijn de links hierna: daarmee ga je naar de inhoudsopgaven van 2019, 20182017 en 2016.

Week 6 - Bernlef: Vastgelegd

vrijdag 10 februari 2017

Ze zei: bij mijn ouders thuis verder dan ooit van huis
lieve mensen, daar niet van, maar zij
hebben mij vanaf mijn geboorte vastgelegd.

Foto's zijn tenminste nog stil, maar op video
zie en hoor ik mijzelf mamma zeggen, hond, ikke
de tuin herken ik, maar waar is het kind gebleven?

Daar, zegt mijn vader, je bent toch niet blind?
Ik durf niet te zeggen dat ik hiervoor inderdaad blind ben
dat hij mijn verleden ontvreemd heeft met zijn camera.

Je hebt geen gevoel voor vroeger, zegt mijn moeder
en dat is zo. Mijn vader zet de band stil. Kijk dan, zegt hij
kijk dan. Eigenlijk ben je in wezen niet veranderd.

2016


Het gedicht van gisteren bracht me op het idee voor het gedicht van vandaag en gaat opnieuw over de ouder-kind-relatie en met name over het streven naar een eigen identiteit van een opgroeiende dochter. 

Bernlef (pseudoniem van Hendrik Jan Marman, 1937-2012) publiceerde vanaf zijn debuut, in 1959, wel honderd boeken. Zelfs over zijn dood heen, want postuum verschenen nog twee romans, een verhalenbundel en de poëziebundel Reflecties, waaruit bovenstaand gedicht afkomstig is.

In de verantwoording van Reflecties lezen we dat Bernlef, kort voordat hij overleed, al zijn onuitgegeven gedichten en poëzievertalingen naar zijn uitgeverij had gestuurd. Daaronder de cyclus Glossy - het meisje: veertien gedichten die alle beginnen met Ze zei:

Bijzonder dat zowel in de roman Een onschuldig meisje - de allerlaatste roman die hij voltooide en waarvan hij het manuscript twee weken voor zijn dood inleverde - als in de gedichtencyclus Glossy - het meisje - een tiener centraal staat die haar identiteit ontdekt. Ook op zijn 75ste fascineerde het thema hem nog: kleine veranderingen met grote gevolgen. Neem Hersenschimmen, waar iemand, door dementie, steeds meer het zicht op de werkelijkheid verliest; neem deze gedichten, waar iemand, in haar puberteit, dat zicht juist ziet groeien.

Ze zei: op Facebook heb ik meer dan honderd vrienden
maar soms ga ik liever naar de brasserie
om mensen in the real te zien. Hoewel hun conversatie
mij lijkt gerepeteerd. Ook ik speel een rol
die mij als gegoten zit. Nog maar een witte wijn.

Waarom dan dat verdriet 's avonds laat op straat
de drang om iemand aan te spreken en te vragen of hij leeft.
Nee, een dode heb ik nog nooit in het echt gezien.
Je moet nooit twijfelen aan je bestaan, zegt mijn mental coach
desnoods neem je iets in. Gelukkig slaap ik goed.


Ze leest glossy's, ze zit op Facebook. Ze kijkt in de spiegel en is onzeker over hoe zij overkomt op anderen. Oppervlakkig, we zien alleen buitenkant, want zij begint er pas aan zichzelf te ontdekken. We lezen wat zij doet, nog lang niet wie zij is...


 

Archief 2017